Open normen in het huurrecht
Einde inhoudsopgave
Open normen in het huurrecht (R&P nr. VG11) 2019/5.2.3:5.2.3 Tussenconclusie
Open normen in het huurrecht (R&P nr. VG11) 2019/5.2.3
5.2.3 Tussenconclusie
Documentgegevens:
J.Ph. van Lochem, datum 01-10-2019
- Datum
01-10-2019
- Auteur
J.Ph. van Lochem
- JCDI
JCDI:ADS501090:1
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
(Proces)partijen hebben de mogelijkheid om stukjes te nemen van de reikwijdte van de open norm ‘goed huurderschap’, door zoveel mogelijk verplichtingen die zij relevant achten contractueel te regelen.
De open norm beoogt de huurder te houden aan redelijk gedrag, daar waar het niet contractueel of wettelijk is geregeld. In ieder geval voor de verhuurder zal daarmee hetgeen hij beoogde bij het aangaan van de huurovereenkomst worden bewaakt. Zodra goed huurderschap echter een aanvullende functie gaat vervullen (zoals de aanvullende werking van de redelijkheid en billijkheid), kan de ruimte van de (proces)partijen in het geding komen omdat zij gebonden worden aan regels die zij niet hebben afgesproken. Het aannemen van een bewoningsplicht dan wel exploitatieplicht waar deze niet contractueel overeen is gekomen, is daar een voorbeeld van.
Zodra inbreuk gemaakt kan worden op het gesloten contract (bijvoorbeeld door aanvulling van de huurdersverplichtingen) neemt de ruimte van partijen het meest af.