AB 2009, 143
Bestuurlijke boete; evenredigheidsbeginsel; matiging; bijzondere omstandigheden; financiële omstandigheden.
ABRvS 11-03-2009, ECLI:NL:RVS:2009:BH5544, m.nt. O.J.D.M.L. Jansen
- Instantie
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
- Datum
11 maart 2009
- Magistraten
Mrs. M.G.J. Parkins-de Vin, D. Roemers, M.A.A. Mondt-Schouten
- Zaaknummer
200804283/1
- Noot
O.J.D.M.L. Jansen
- LJN
BH5544
- JCDI
JCDI:ADS859432:1
- Vakgebied(en)
Vreemdelingenrecht / Bijzondere onderwerpen
Arbeidsrecht / Arbeidsmarktbeleid en -bemiddeling
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2009:BH5544, Uitspraak, Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, 11‑03‑2009
- Wetingang
Essentie
Bestuurlijke boete; evenredigheidsbeginsel; matiging; bijzondere omstandigheden; financiële omstandigheden.
Samenvatting
De minister dient de aangevoerde feiten en omstandigheden in het individuele geval te beoordelen. De wederpartij heeft zijn financiële positie met financiële gegevens en bescheiden gestaafd. De minister heeft de juistheid van deze gegevens en bescheiden niet bestreden en heeft evenmin betwist dat de financiële situatie van de wederpartij slecht is. In het bijzonder is daarbij van belang dat de minister niet heeft bestreden dat de wederpartij een jaarinkomen heeft van omgerekend ongeveer € 3.000 en de opgelegde boete van € 38.500 meer dan het tienvoudige daarvan is. In deze situatie ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.