Beheer van familievermogen door middel van certificering
Einde inhoudsopgave
Beheer van familievermogen door middel van certificering (AN nr. 185) 2024/3.2.1:3.2.1 Bijeenhouden vermogen
Beheer van familievermogen door middel van certificering (AN nr. 185) 2024/3.2.1
3.2.1 Bijeenhouden vermogen
Documentgegevens:
mr. A.M. Steegmans, datum 01-02-2024
- Datum
01-02-2024
- Auteur
mr. A.M. Steegmans
- JCDI
JCDI:ADS957910:1
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Dit komt ook naar voren in de interviews, zie onder andere paragraaf 2.3.4.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een eerste element dat een rol speelt bij de continuïteit van het vermogen is dat het bijeenhouden van (de juridische gerechtigdheid tot) het vermogen een grotere kans op continuïteit biedt dan versnippering ervan.1 Dit heeft meerdere redenen. Ten eerste geldt voor sommige vermogensbestanddelen dat het bijeenhouden van het vermogen bijdraagt aan een grotere kans op instandhouding van dat vermogen. Voor landgoederen geldt bijvoorbeeld dat het bijeenhouden van het landgoed meer inkomsten kan opleveren (bijvoorbeeld uit houtkap), waardoor de kans dat het landgoed kan blijven voortbestaan groter is.
Een tweede reden is dat door het bijeenhouden van het vermogen het verhaalsrisico kan worden beperkt. Verhaal door schuldeisers op het vermogen levert een gevaar op voor de continuïteit. Het bijeenhouden van het vermogen bij één rechthebbende vermindert het aantal mogelijke schuldeisers dat zich op het vermogen kan verhalen. Het verhaal door schuldeisers komt hierna in paragraaf 3.2.2 verder aan de orde.
Ten aanzien van het bijeenhouden van het economisch belang kan nog worden opgemerkt dat het daar niet zozeer gaat om het bijeenhouden van het economische belang bij één rechthebbende, maar het bijeenhouden van het economisch belang binnen de familie. Wel geldt daarbij dat een te grote versnippering van het economisch belang over verschillende familieleden kan leiden tot een verminderde mate van betrokkenheid. Daar wordt hierna in paragraaf 3.2.5 verder op ingegaan.