Einde inhoudsopgave
De aansprakelijkheid voor ongeschikte medische hulpzaken (R&P nr. CA19) 2018/6.4.2
6.4.2 Aansprakelijkheid voor medische hulpzaken bij de administratieve rechter
mr. J.T. Hiemstra, datum 01-07-2018
- Datum
01-07-2018
- Auteur
mr. J.T. Hiemstra
- JCDI
JCDI:ADS366259:1
- Vakgebied(en)
Gezondheidsrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Voetnoten
Voetnoten
Whittaker 2005, p. 113. Hierdoor kan de in de volgende paragraaf te bespreken buitencontractuele aansprakelijkheid voor zaken van artikel 1242 alinea 1 CC (artikel 1384CC (oud)), waarop een patiënt die een overeenkomst heeft met de hulpverlener geen beroep kan doen vanwege de regel van non- cumul, ook de patiënt die in een publiek ziekenhuis behandeld is niet baten (Van Dam 2013, p. 64).
Idem; Laude, Pariente & Tabuteau, p. 208-209.
Whittaker 2005, p. 113; de aansprakelijkheid voor publieke werken vormt een derde, afzonderlijke categorie. Fortat 2011, p. 367-368.
En kan onder omstandigheden ook onder de aansprakelijkheid voor publieke werken vallen (zie vorige voetnoot) indien de zaak gekwalificeerd kan worden als een publiek werk.
Voorheen faute lourde, nu faute simple (zie paragraaf 2 van dit hoofdstuk).
‘L’engagement de la responsabilité des hôpitaux publics’, Dossier thématique du Conseil d’état, januari 2015, p. 3.
Zie bijvoorbeeld CE 1 maart 1989, Epoux Peyres, 67255.
CE 4 maart 1988, 59600.
Taylor 2010, p. 90.
Taylor 2010, p. 91.
CE Ass. 9 april 1993, 69336.
CE Ass. 9 april 1993, 69336.
Vgl. Taylor 2010, p. 91.
CE 9 juli 2003, 220437. Zie voor de risicoaansprakelijkheid van het publieke ziekenhuis voor het gebrek van gezondheidsproducten Berry 2015, p. 323-324.
Voorafgegaan door: ‘sans préjudice d’éventuels recours en garantie’.
CE 9 juli 2003, 220437.
CE 9 juli 2003, 220437.
CE 9 juli 2003, 220437.
CE 15 juli 2004, 252551.
De wet is van toepassing op medische ongevallen die na 4 september 2001 hebben plaatsgevonden (Bloch 2014, nr 3).
Stoffel-Munck & Bloch 2014, p. 971.
Idem.
HvJ EU 21 december 2011, C-495/10, r.o. 39.
CE 12 maart 2012, 327449. Zie in dezelfde zin CE 14 maart 2012, 324455. Berry 2015, p. 323-324 en Laude, Mathieu & Tabuteau 2012, p. 466.
CE 24 april 2012, 331967.
CE 15 november 2017, 403317.
CE, 25 juli 2013, 339922
Berry 2015, p. 324. Vgl. Fairgrieve, Taylor & Wester-Ouisse 2018, p. 7.
Zoals eerder aan bod is gekomen, heeft het administratieve (aansprakelijkheids) recht zich los van het civiele recht ontwikkeld en fungeert de Code Civil niet als basis voor dat regime.1 Anders dan in het civiele recht, is in het administratieve recht geen onderscheid gemaakt tussen de aansprakelijkheid voor eigen gedragingen en de aansprakelijkheid voor zaken (responsabilité du fait des choses) en voor anderen (responsabilité du fait d’autrui en enfants mineurs).2 In de jurisprudentie van de administratieve rechter is een indeling gemaakt ten aanzien van situaties waarin de aansprakelijkheid van een overheidsinstantie wordt gebaseerd op schuld en gevallen waarin de aansprakelijkheid wordt gebaseerd op risico.3 De aansprakelijkheid van de hulpverlener voor schade veroorzaakt door een medische zaak heeft zich in de jurisprudentie van de Conseil d’état ontwikkeld tot een aansprakelijkheid die tot deze laatste categorie behoort.4 De introductie van de wet relative aux droits des malades et à la qualité du système de santé in de CSP in 2002 heeft geen wijziging aangebracht in de reeds in gang gezette risico benadering van de administratieve rechter.
De reguliere aansprakelijkheid van de hulpverlener werd door de administratieve rechter tot 1992 gegrond op grove schuld (faute lourde).5 Voor een organisatiefout van het ziekenhuis volstond een faute simple.6 De aansprakelijkheid voor schade ten gevolge van een gebrekkige medische zaak werd door de Conseil d’état geschaard onder een organisatiefout.7 De patiënt moest daarvoor aantonen dat de zaak ‘apparemment dé fectueux, insuffisammenté prouvé ou usagé’ – klaarblijkelijk defect, ontoereikend getest of gebruikt – was.8
In 1993 nam de Conseil d’état de volgende stap en stapte het af van het vereiste van faute simple voor schade die het gevolg was van zogenaamde ‘alé as thérapeutiques’.9 Dit verwijst naar ongevallen die niet zozeer gerelateerd zijn aan de (reeds bestaande) ziekte van de patient, maar voortkomen uit risico’s die verbonden zijn aan een medische handeling.10 Dit kwam aan de orde in het Bianchi arrest waarin de aansprakelijkheid voor een geïnjecteerd contrastmiddel centraal stond.11 De Conseil d’état oordeelde dat het ziekenhuis zonder schuld aansprakelijk was voor de verwezenlijking van een risico van een medische handeling die noodzakelijk was voor de diagnose of behandeling van de patiënt indien de handeling de directe oorzaak was van de door de patiënt geleden schade, de schade geen verband hield met de initiële gezondheidstoestand van de patiënt (of hiervan het voorzienbare gevolg was) en van bijzonder ernstige aard was:12
‘Considérant, toutefois, que lorsqu’un acte médical né cessaire au diagnostic ou au traitement du malade présente un risque dont l’existence est connue mais dont la ré alisation est exceptionnelle et dont aucune raison ne permet de penser que le patient y soit particulièrement exposé , la responsabilité du service public hospitalier est engagé e si l’exé cution de cet acte est la cause directe de dommages sans rapport avec l’é tat initial du patient comme avec l’évolution prévisible de ceté tat, et présentant un caractère d’extrême gravité.’
Hoewel de kans op realisatie van het risico bijzonder klein was, was het bestaan ervan bekend en was er geen reden om aan te nemen dat deze patiënt in het bijzonder aan dit risico was blootgesteld. Het ziekenhuis was zonder schuld aansprakelijk voor de verwezenlijking van dit risico.13
Negen jaar na het Bianchi arrest zette de Conseil d’état weer een stap in zijn benadering van de aansprakelijkheid voor het gebruik van medische zaken. In het Marzouk arrest werd bepaald dat het publieke ziekenhuis zonder schuld aansprakelijk is voor het gebruik van falende producten en apparaten:14 ‘le service public hospitalier est responsable, m ê me en l’absence de faute de sa part, des consé quences dommageables pour les usagers de la dé faillance des produits et appareils de santé qu’il utilise’.15 In deze zaak ging het om een vordering van de nabestaanden van een patiënt die was overleden ten gevolge van een hartstilstand veroorzaakt door een defect in een beademingsapparaat. De Conseil d’état oordeelde dat het hof uitgegaan was van een onjuiste rechtsopvatting door aan de aansprakelijkheid van het ziekenhuis voor het falen van het gebruikte apparaat een fout in de organisatie en werking van de ziekenhuisdiensten ten grondslag te leggen.16 Ook bij het ontbreken van een fout is het ziekenhuis aansprakelijk, aldus de Conseil d’état.17 De omstandigheid dat in deze zaak de ernst van de gevolgen van het falen van het apparaat samenhing met de reeds bestaande gezondheidstoestand van de patiënt, behoefde volgens de rechter niet tot een gehele of gedeeltelijke vrijstelling van de aansprakelijkheid van het ziekenhuis te leiden.18
In een uitspraak in 2005 bevestigde de Conseil d’état het in Marzouk geformuleerde uitgangspunt.19 Het ging in deze zaak om een patiënt die in het kader van een arthrodese een knieprothese ontvangen, welke brak tijdens zijn herstel. Een nieuwe arthrodese was niet mogelijk en het been van de patiënt diende geamputeerd te worden. De Conseil d’état oordeelde dat het publieke ziekenhuis, zelfs bij het ontbreken van schuld, aansprakelijk is voor de schade die is ontstaan door het gebruik van producten en apparaten. De aansprakelijkheid werd dan ook aangenomen. Daarbij merkte de Conseil d’état op dat een veroordeling van het ziekenhuis tot betaling van de schade van de patiënt, een vordering van het ziekenhuis jegens de producent van de prothese onverlet laat.
Op de casus van het hiervoor besproken Bianchi arrest, het Marzouk arrest en het arrest uit 2005 zijn de artikelen die ten gevolge van de wet relative aux droits des malades et à la qualité du système de santé in de CSP zijn geïntroduceerd, nog niet van toepassing.20 Dit laat onverlet dat in het Marzouk arrest en het arrest uit 2005 de mogelijkheid bestond om reeds op de regel uit artikel L1142-1 CSP te anticiperen.21 Onduidelijk is of de Conseil d’état dit heeft gedaan.22
In 2010 werd de Conseil d’état geconfronteerd met de vraag of een publiek ziekenhuis aansprakelijk diende te worden geacht voor de schade die een dertienjarige patiënt had geleden ten gevolge van brandwonden door de defecte warmteregeling van een elektrisch matras. Naar aanleiding van deze casus heeft de Conseil d’état een prejudiciële vraag gesteld aan het HvJ inhoudende of de richtlijn productaansprakelijkheid in de weg staat aan de in het Marzouk-arrest geschetste risicoaansprakelijkheid. Het ziekenhuis had namelijk betoogd dat uit de richtlijn voortvloeit dat de producent van het matras als enige aansprakelijk zou moeten worden gesteld. Het HvJ beantwoordde deze vraag ontkennend. Een dienstverlener die bij de uitvoering van de dienst een gebrekkig product gebruikt waarvan hij niet de producent is (zoals in dit geval het ziekenhuis), valt buiten de werkingssfeer van de richtlijn. De richtlijn verzet zich volgens het HvJ niet tegen een nationale regeling die voorziet in de objectieve aansprakelijkheid van een dergelijke dienstverlener.23 De Conseil d’état herhaalde derhalve vervolgens de in het Marzouk-arrest geformuleerde risicoaansprakelijkheid:24
‘Considérant qu’il résulte de l’interpré tation ainsi donné e par la Cour de justice de l’Union europé enne que la directive du 25 juillet 1985 ne fait pas obstacle à l’application du principe selon lequel, sans préjudice des actions susceptibles d’ ê tre exercé es à l’encontre du producteur, le service public hospitalier est responsable, m ê me en l’absence de faute de sa part, des consé quences dommageables pour les usagers de la dé faillance des produits et appareils de santé qu’il utilise’.
Ook op de casus die aanleiding gaf tot dit arrest waren de artikelen die ten gevolge van de wet relative aux droits des malades et à la qualité du système de santé in de CSP zijn geïntroduceerd, nog niet van toepassing.
Dit uitgangspunt is de hoogste administratieve rechter blijven herhalen. Zo ook een maand later toen opnieuw de aansprakelijkheid voor een gebrekkige zaak, in dit geval een zuurstofmeter, zich aandiende:25 ‘le service public hospitalier est responsable, même en l’absence de faute de sa part, des consé quences dommageables pour les usagers de la dé faillance des produits et appareils de santé qu’il utilise’. Dit leidde er in de desbetreffende zaak toe dat het ziekenhuis aansprakelijk werd geacht voor de neurologische schade die een dertienjarige jongen had opgelopen ten gevolge van een hartstilstand en ademdepressie in de postoperatieve surveillancekamer na een operatie. Na de hiervoor geciteerde overweging stelde de Conseil d’état nogmaals vast dat de richtlijn productaansprakelijkheid niet in de weg staat aan de aansprakelijkheid van dienstverleners voor schade veroorzaakt door de gebrekkige producten die zij gebruiken als onderdeel van de dienstverlening. De geciteerde overweging kwam opnieuw naar voren in 2017 in een zaak over een gebrekkige heupprothese.26 Relevant is dat op beide casus reeds de artikelen die ten gevolge van de wet relative aux droits des malades et à la qualité du système de santé in de CSP geïntroduceerd zijn van toepassing waren en de Conseil d’état zijn regime daar niet door heeft laten beïnvloeden.
In 2013 overwoog de Conseil d’état dat hetzelfde regime van toepassing is als een gebrekkig product – in deze zaak een knieprothese – wordt geïmplanteerd in het lichaam van de patiënt.27 De Conseil d’Etat overweegt dat het ziekenhuis de gebruiker en niet de leverancier is van medische producten voor dit soort operaties. Deze brede opvatting van het begrip ‘gebruiker van een medisch product’ vermijdt het delicate onderscheid tussen de gevallen waarin de hulpverlener een product alleen gebruikt bij de uitvoering van de zorg en die waarin hij afstand doet van het product – zoals bij het implanteren van een prothese – en aangemerkt zou kunnen worden als leverancier, aldus Berry.28 Op de casus die aanleiding gaf tot dit arrest waren de artikelen die ten gevolge van de wet relative aux droits des malades et à la qualité du système de santé in de CSP zijn geïntroduceerd, nog niet van toepassing.