AB 2001, 374
Mededeling aan Europese Commissie van vermoeden benadeling EOGFL en weigering de aanmelding ongedaan te maken; geen Awb-besluiten.
CBb 31-08-2001, ECLI:NL:CBB:2001:AD3485, m.nt. J.H. van der Veen
- Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum
31 augustus 2001
- Magistraten
Roemers, Lubberdink, Borman
- Zaaknummer
AWB01/90
- Noot
J.H. van der Veen
- LJN
AD3485
- JCDI
JCDI:ADS868823:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
- Brondocumenten
ECLI:NL:CBB:2001:AD3485, Uitspraak, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 31‑08‑2001
- Wetingang
Wet Bestuursrechtspraak Bedrijfsorganisatie art. 18 lid 3; In- en Uitvoerwet art. 13; Landbouwwet art. 46; EG-Verord. nr. 1469/95 art. 1; EG-Verord. nr. 1469/95 art. 3; EG-Verord. nr. 1469/95 art. 4; EG-Verord. nr. 745/96 art. 1; EG-Verord. nr. 745/96 art. 4; EG-Verord. nr. 745/96 art. 5; EG-Verord. nr. 745/96 art. 6; EG-Verord. nr. 745/96 art. 7; AWB art. 1:3 lid 1
Essentie
Mededeling aan Europese Commissie van vermoeden benadeling EOGFL en weigering de aanmelding ongedaan te maken; geen Awb-besluiten.
Samenvatting
1
Het bestaan van een aanmelding is weliswaar een voorwaarde voor het treffen van maatregelen door de Europese Commissie en de autoriteiten van andere lidstaten, de verplichting om hiertoe over te gaan vloeit evenwel, gelet op de structuur en de redactie van de EG-verordening, niet voort uit de melding, maar is een rechtstreeks gevolg van het bepaalde in de verordening. De enkele omstandigheid dat een lidstaat gevolg geeft aan een op hem rustende verplichting tot informatieverstrekking, bestempelt het daarop gerichte handelen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.