FED 2025/72
Samenhangende waardering vermogensbestanddelen verplicht als de afdekking van risico’s objectief is beoogd. Middel over bewijslastverdeling en gehanteerde verrekenprijs afgedaan met ‘gronden vermeld in conclusie A-G’.
HR 17-04-2025, ECLI:NL:HR:2025:552, m.nt. mr. K.N.C. van Buuren
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 april 2025
- Magistraten
Mrs. Van Hilten, Fierstra, Faase, Cools, Peters
- Zaaknummer
22/01909
22/03307
- Noot
mr. K.N.C. van Buuren
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD17056:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Inkomstenbelasting / Winst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:618, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑04‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 17‑04‑2025
ECLI:NL:HR:2025:552, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑04‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 17‑04‑2025
ECLI:NL:PHR:2023:226, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 24‑02‑2023
- Wetingang
Essentie
Samenhangende waardering vermogensbestanddelen verplicht als de afdekking van risico’s objectief is beoogd. Middel over bewijslastverdeling en gehanteerde verrekenprijs afgedaan met ‘gronden vermeld in conclusie A-G’.
Samenvatting
De belanghebbende is een Nederlandse houdstervennootschap die de moedermaatschappij is van een fiscale eenheid met daarin onder meer tussenhoudster BV1 en werkmaatschappij BV2. Zij zijn onderdeel van een internationaal kunstmestconcern met een buitenlandse tophoudster. Het concern heeft blijkens de 2012-jaarrekening van de tophoudster het beleid om desgewenst derivaten te gebruiken voor financiële risicobeheersing. De fiscale eenheid berekent haar belastbare bedrag in euro’s. Zij heeft schulden in Amerikaanse dollars (USD) aan de buitenlandse ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.