Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/977
Alimentatieverordening. Vordering tot wijziging van door gerecht van derde staat die geen partij is bij het Haags Alimentatieverdrag 2007 gegeven beslissing inzake onderhoudsverplichtingen; formeel toepassingsgebied bevoegdheidsregeling; subsidiaire bevoegdheidsregel van art. 6; begrip ‘gemeenschappelijke nationaliteit’; forum necessitatis van art. 7; begrip ‘uitzonderingsgevallen’.
HvJ EU 27-03-2025, ECLI:EU:C:2025:214 (Amozov)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
27 maart 2025
- Magistraten
S. Rodin, N. Piçarra, O. Spineanu-Matei
- Zaaknummer
C-67/24
- Conclusie
A-G J. Richard de la Tour
- Roepnaam
Amozov
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht / Alimentatie
Personen- en familierecht / Europees personen- en familierecht
Internationaal privaatrecht / Internationaal bevoegdheidsrecht
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2025:214, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 27‑03‑2025
- Wetingang
Art. 3, 6, 7 Verordening (EG) nr. 4/2009 (Alimentatieverordening)
Essentie
R.K. tegen K.Ch. e.a.
Verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens art. 267 VWEU, ingediend door de Sofiyski rayonen sad (rechter in eerste aanleg Sofia, Bulgarije) bij beslissing van 16 januari 2024.
Alimentatieverordening. Vordering tot wijziging van door gerecht van derde staat die geen partij is bij het Haags Alimentatieverdrag 2007 gegeven beslissing inzake onderhoudsverplichtingen; formeel toepassingsgebied bevoegdheidsregeling; subsidiaire bevoegdheidsregel van art. 6; begrip ‘gemeenschappelijke nationaliteit’; forum necessitatis van art. 7; begrip ‘uitzonderingsgevallen’.
1) Art. 1 lid 1 Alimentatieverordening moet aldus worden uitgelegd dat een vordering tot wijziging van een door ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.