Douanewaarde in een globaliserende wereld
Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/5.5:5.5 Eenvoudige en billijke, met de handelspraktijk verenigbare grondslagen
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/5.5
5.5 Eenvoudige en billijke, met de handelspraktijk verenigbare grondslagen
Documentgegevens:
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258627:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
GATT (Committee on Trade and Development) – Trade barriers arising in the field of customs valuation – Note on implications for developing countries of ad referendum solutions, COM.TD/W/195, 02.08.1973 en O. Arabov, La Valeur en Douane en Débat, Paris: Editions universitaires européennes 2010, p. 317-322.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De in de preambule van de CVA opgenomen doelstelling dat de douanewaardebepalingen moeten voorzien in een eenvoudige en billijke, met de handelspraktijk verenigbare grondslagen wijze waarop de douanewaarde moet worden vastgesteld, is wellicht de meest expliciete link met het algehele doel van de CVA, namelijk het stimuleren van de (internationale) handel en economie.
Om de douanewaardebepalingen aan voornoemde doelstelling te laten beantwoorden moet bij de vaststelling en uitvoering van de douanewaardebepalingen aan een aantal randvoorwaarden worden voldaan. Zo moet de douanewaarde op een dusdanige wijze worden vastgesteld dat de formaliteiten tot een minimum worden beperkt en zoveel mogelijk worden gebaseerd op commerciële documenten. Daarnaast moet het systeem ter bepaling van de douanewaarde de spoedige afhandeling van douaneformaliteiten niet belemmeren. Zowel vanuit het gezichtspunt van de douaneautoriteiten als de importeur kan een douanewaardesysteem worden ervaren als niet-tarifaire belemmering. Voor de douaneautoriteiten doordat zij door de complexiteit van het systeem niet bij machte zijn om aan de bepalingen uitvoering te geven wat vooral een probleem in ontwikkelingslanden is vanwege een gebrek aan middelen en kennis om uitvoering te geven aan de douanewaardebepalingen.1 Voor de importeur kan het systeem ter bepaling van de douanewaarde als belemmering worden ervaren doordat de bepalingen en de uitvoering niet rechtvaardig, éénvormig of neutraal worden uitgevoerd.
Hoewel de WHO-lidstaten destijds de noodzaak tot een eenvoudig en billijk, met de handelspraktijk verenigbare grondslagen onderschreven, plaatste Canada, in mijn optiek terecht, kanttekeningen bij dit streven.2 Het is niet realistisch om een douanewaardesysteem te ontwikkelen dat zowel eenvoudig, nauwkeurig en voorspelbaar is. Een nauwkeurig systeem brengt namelijk een relatief complex systeem met zich, waar een eenvoudig systeem het risico met zich brengt dat het systeem onnauwkeurig is. Naar mijn mening moeten de doelstellingen derhalve fungeren als communicerende vaten, waarbij telkens een afweging wordt gemaakt en een goede balans gezocht moet worden om recht te doen aan de doelstellingen van de CVA bij de vaststelling van douanewaardebepalingen en de interpretatie ervan.
De doelstelling om een billijk douanewaardesysteem na te streven zou daarnaast een importeur moeten beschermen tegen oneerlijke concurrentie die verband houdt met onderwaardering van ingevoerde goederen. Daartoe wordt in de CVA voorzien in een systeem om tussen verbonden partijen vastgestelde prijzen te testen op prijsbeïnvloeding en vinden onder voorwaarden prijsaanpassingen plaats.