De fraudebestrijdende faillissementscurator
Einde inhoudsopgave
De fraudebestrijdende faillissementscurator (R&P nr. InsR23) 2024/3.4.3:3.4.3 Hoe moeten de definities ‘faillissementsfraude’, ‘malafide gedrag’ en ‘bonafide gedrag’ luiden?
De fraudebestrijdende faillissementscurator (R&P nr. InsR23) 2024/3.4.3
3.4.3 Hoe moeten de definities ‘faillissementsfraude’, ‘malafide gedrag’ en ‘bonafide gedrag’ luiden?
Documentgegevens:
Mr. R.E. de Vries, datum 01-07-2024
- Datum
01-07-2024
- Auteur
Mr. R.E. de Vries
- JCDI
JCDI:ADS979174:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Nu het nut en de wenselijkheid van een definitie van de begrippen ‘faillissementsfraude’, ‘malafide gedrag’ en ‘bonafide gedrag’ zijn uiteengezet, komt de vraag op hoe deze definities zouden moeten luiden. Het probleem dat zich hier voordoet is dat de begrippen ‘faillissementsfraude’, ‘malafide bestuurder’ en ‘bonafide bestuurder’ in het Nederlandse Burgerlijk Wetboek, de Faillissementswet en in het Wetboek van Strafrecht niet voorkomen. Het feit dat de genoemde termen geen wettelijke termen zijn, maakt dat het onbepaalde en vage termen zijn. In de Van Dale wordt onder malafide gedrag verstaan een bestuurder die te kwader trouw heeft gehandeld en onder bonafide gedrag ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.