Einde inhoudsopgave
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/IV.C.3.2
IV.C.3.2 Vergoedingslegaat of zuiver legaat
Prof.mr. B.M.E.M. Schols, datum 07-12-2007
- Datum
07-12-2007
- Auteur
Prof.mr. B.M.E.M. Schols
- JCDI
JCDI:ADS407192:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
VAN GRUNDERBEECK, Erfenissen, Schenkingen en testamenten, M. COENE, W.PINTENS, A. VASTERAVENDTS (e.a.), Antwerpen: Kluwer 1997, p. 224. Zie ook FRANK BUYSSENS, Erfrecht en Testament, Boek 5 (HEP), Vermogensplanning met Effect na Overlijden: Erfrecht en testament, Brussel: De Boeck & Larcier, p. 237-241.
FRANK BUYSSENS, Erfrecht en Testament, Boek 5 (HEP), Vermogensplanning met Effect na Overlijden: Erfrecht en testament, Brussel: De Boeck & Larcier 2005, p. 238.
FRANK BUYSSENS, Erfrecht en Testament, Boek 5 (HEP), Vermogensplanning met Effect na Overlijden: Erfrecht en testament, Brussel: De Boeck & Larcier 2005, p. 237.
Zie A.C.VAN SCHAICK en H.C.F. SCHOORDIJK, Rechten en verplichtingen van schenker en begiftigde,WPNR (2001) 6445, p. 461-467.
Beroepshof te Gent van 9 april 1952, Tijdschrift voor notarissen 1952, p. 199.
VAN GRUNDERBEECK, Erfenissen, Schenkingen en testamenten, M. COENE, W.PINTENS, AVASTERAVENDTS (e.a.), Antwerpen: Kluwer 1997, p. 226. Zij merkt daar bij op dat de testamentuitvoering in dat opzicht sterk afwijkt van het algemene burgerlijk recht, waar men aanvaardt dat de rechter het bedongen loon van de lasthebber mag wijzigen als dit niet in verhouding staat tot de geleverde prestaties.
Tegenover het vergoedingslegaat staat in Belgie het zuiver legaat. Dit is aan de orde indien het legaat niet in verhouding staat met de door de testamentuitvoerder gepresteerde diensten. Men laat zich in de rechtspraak bij zijn beslissingen hierover leiden door:1 dewaardevan de nalatenschap, de bekwaamheid van de testamentuitvoerder en de moeilijkheidsgraad en omvang van de hem toevertrouwde taken. In Belgische literatuur spreekt men in dit kader van het proportionaliteitsvereiste.2
Buyssens geeft de Belgische rechtsleer kernachtig weer:3
'Voor zover de vergoeding van de testamentuitvoerder niet ge(her)kwalificeerd wordt als een zuiver legaat, d.w.z. een loutere gift uitmaakt (en dus niet vergoedend is), maakt zij een schuld van de nalatenschap uit.' (Curs. BS)
'Gift of vergoeding, daar gaat het om. Maar waar ligt de grens ?
'Zodra de vergoeding gekwalificeerd wordt als hoger dan normaal, kan zij voor het gedeelte dat teveel is, aangezien worden als een echt legaat. In de rechtsleer wordt erop gewezen dat dit geen automatisme mag zijn, aangezien een echt legaat ook een animus donandi veronderstelt, wat niet noodzakelijk het geval is, maar in de praktijk nogal snel wordt afgeleid uit de te hoge vergoeding' (Curs. BS)
Er is derhalve in ieder geval toch nog enige speling, maar ook weer niet teveel. Terzijde merk ik op dat ook hier weer aansluiting wordt gezocht bij de overeenkomstgedachte ('schenking') om een erfrechtelijk probleem op te lossen.4
Illustratief voor de problematiek is ook het arrest van het Beroepshof te Gent van 9 april 1952.5 Aan de testamentuitvoerder was een zodanig forfaitair bedrag gelegateerd dat het door de 'inspecteur der registratie en successie' erkend zou worden als vergoedingslegaat.De testamentuitvoerder had volgens het Hof inderdaad recht op dit bedrag, doch dat, indien de vergoeding niettemin buiten verhouding met de te presteren diensten voorkomt, zij als een (zuiver) legaat moet worden beschouwd.
Ongeacht of het een vergoedingslegaat dan wel een zuiver legaat betreft, wordt in Belgie aangenomen dat het per definitie ondenkbaar is dat de rechter de vergoeding voor de testamentuitvoerder vermindert.6