Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/15.4.1:15.4.1 Inleiding
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/15.4.1
15.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS486038:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Van der Veen 1997, p. 215.
Parl. Gesch. Boek 5, p. 176; Van der Veen 1997, p. 89 en 90, p. 215; Hennekens 2001, p. 196.
Hof Amsterdam 25 oktober 1933, NJ 1934, 189; Hof Amsterdam 25 november 1958, NJ 1959, 635.
Zie voor de problemen die dit uitgangspunt met zich meebrengt: Hennekens 2001, p. 196200; Hennekens 1977, p. 78-91; Van Acht 1990, p. 274 e.v.; Asser/Mijnssen/De Haan 2001 (3-I), p. 84.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de lijn van het hiervoor geschrevene ligt dat op openbare zaken als hiervoor omschreven het burenrecht in beginsel van toepassing is. Openbare zaken zijn erven in de zin van titel 5.4.1 Dit is ook de visie van de wetgever2 en stemt overeen met de benadering in de jurisprudentie.3 Het burenrecht is niet van toepassing indien en voor zover de publieke bestemming zich daartegen verzet.4