FED 2025/29
De wetgever heeft met de beperkingen van proceskostenvergoedingen in procedures over de Wet WOZ en de bpm in de Wet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en bpm (hierna: WHpkv) het oog gehad op gevallen die zich daardoor kenmerken dat aan de belanghebbende rechtsbijstand wordt verleend door een beroepsmatig optredende gemachtigde, dan wel een kantoor, waarvan het bedrijfsmodel eruit bestaat dat (i) wordt opgetreden op basis van no cure no pay, (ii) daarbij zodanige afspraken met de cliënten worden gemaakt dat het bedrag van eventuele proceskostenvergoedingen aan de gemachtigde of aan het kantoor wordt afgedragen, en (iii) de procedures op een zodanige wijze worden gevoerd dat de daarin toegekende proceskostenvergoedingen de in redelijkheid gemaakte kosten ver overtreffen. Aanwijzingen dat dit laatste het geval is, kunnen bijvoorbeeld worden gevonden in de omstandigheid dat vaak geheel of ten dele gebruik wordt gemaakt van gestandaardiseerde tekstblokken die niet zijn toegespitst op de desbetreffende zaak.
HR 17-01-2025, ECLI:NL:HR:2025:46, m.nt. mr. dr. P. van der Wal
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 januari 2025
- Magistraten
Mrs. Van Hilten, Van Eijsden, Punt, Feteris, Fierstra
- Zaaknummer
24/00575
24/01942
- Noot
mr. dr. P. van der Wal
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS999839:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht (V)
Europees belastingrecht / Discriminatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:311, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑02‑2025
ECLI:NL:HR:2025:156, Uitspraak, Hoge Raad, 31‑01‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 31‑01‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 17‑01‑2025
ECLI:NL:HR:2025:46, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑01‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1118, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1140, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1141, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑10‑2024
- Wetingang
Essentie
De wetgever heeft met de beperkingen van proceskostenvergoedingen in procedures over de Wet WOZ en de bpm in de Wet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en bpm (hierna: WHpkv) het oog gehad op gevallen die zich daardoor kenmerken dat aan de belanghebbende rechtsbijstand wordt verleend door een beroepsmatig optredende gemachtigde, dan wel een kantoor, waarvan het bedrijfsmodel eruit bestaat dat (i) wordt opgetreden op basis van no cure no pay, (ii) daarbij zodanige afspraken met de cliënten worden gemaakt dat het bedrag van eventuele proceskostenvergoedingen aan de gemachtigde of aan het kantoor wordt afgedragen, en (iii) de procedures op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.