Het rechterlijk bevel en verbod als remedie
Einde inhoudsopgave
Het rechterlijk bevel en verbod als remedie (BPP nr. XXIII) 2023/11.4:11.4 Gevolgen van onmogelijkheid naar Belgisch recht
Het rechterlijk bevel en verbod als remedie (BPP nr. XXIII) 2023/11.4
11.4 Gevolgen van onmogelijkheid naar Belgisch recht
Documentgegevens:
mr. drs. J.J. van der Helm, datum 01-01-2023
- Datum
01-01-2023
- Auteur
mr. drs. J.J. van der Helm
- JCDI
JCDI:ADS692194:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
711. Naar Belgisch recht is het voorgaande niet anders. Ook naar Belgisch recht is niemand gehouden tot het onmogelijke. Van onmogelijkheid is sprake indien een prestatie om juridische of materiële redenen niet kan worden uitgevoerd. Die onmogelijkheid moet wel absoluut en blijvend zijn.1 Een absoluut en blijvend onmogelijke verbintenis is naar Belgisch recht nietig. Als het voorwerp van de verbintenis op zichzelf mogelijk is, maar de schuldenaar niet bij machte is om deze uit te voeren is de verbintenis echter geldig. Om die reden kan de morele onmogelijkheid niet tot nietigheid van de verbintenis leiden. De kunstenaar die het werk niet tot stand kan brengen wegens gebrek aan inspiratie is onverminderd gehouden te presteren. Omdat hij echter niet met dwang tot die prestatie kan worden gedwongen, zal de niet-nakoming zich moeten oplossen in schadevergoeding.2