Einde inhoudsopgave
Ontwikkelingen in het civielrechtelijk conservatoir beslag in Nederland (BPP nr. XV) 2013/5.2.4
5.2.4 Rechtsmiddelen tegen beslissing op het beslagrekest
mr. M. Meijsen, datum 27-05-2013
- Datum
27-05-2013
- Auteur
mr. M. Meijsen
- JCDI
JCDI:ADS499487:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Doorbreking van dit rechtsmiddelenverbod werd eerder door gerechtshof ’s-Hertogenbosch niet aanvaard met als reden dat hiervoor op grond van art. 288 Rv geen plaats is. Zie het eerder genoemde arrest van gerechtshof ’s-Hertogenbosch 11 november 2003, LJN AO1606, «JOR» 2004, 115, m.nt. Loesberg (Danilo Jordan/Scanimex).
HR 25 september 2009, LJN BI8517, NJ 2009, 460 (Hagemeyer/Curatoren).
HR 23 december 1977, LJN AC6153, NJ 1978, 296, m.nt. Heemskerk (impliciet). Zie ook Gem. Gerechtshof 17 april 2012, LJN BW6283 (Drag/Fundashon).
Voor een afgegeven beslagverlof geldt ingevolge artikel 700 lid 2 Rv een rechtsmiddelenverbod, hetgeen inhoudt dat tegen een verleend verlof door de beslagene geen hogere voorziening open staat.1 Dit is ook het geval indien de beoogd beslagene, voorafgaand aan de verlofverlening, op het verzoek is gehoord.2 Voor verweer tegen een gelegd beslag kan de beslagene opkomen in het opheffingskortgeding ex artikel 705 Rv.
Tegen een afwijzing van het gevraagde verlof kan door de verzoeker hoger beroep en eventueel cassatie worden ingesteld.3