Einde inhoudsopgave
Sleutels voor personenvennootschapsrecht (IVOR nr. 102) 2017/5.4.2.1
5.4.2.1 Bestaande mogelijkheden
Chr.M. Stokkermans, datum 28-02-2017
- Datum
28-02-2017
- Auteur
Chr.M. Stokkermans
- JCDI
JCDI:ADS585732:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Assink | Slagter 2013, § 100, p. 2049; zie ook Assink in Assink & Schild 2015, voetnoot 45.
Tervoort 2015a, p. 558; Tervoort 2015b.
Zie 2.7, 3.3.3.2, 3.4.4 en 3.5.3.2.
Asser/Maeijer 5-V 1995/247; Tervoort 2012, p. 250; Boschma & Schutte-Veenstra 2014, par. 3.4.1; Boschma 2016, p. 112/113; Mathey-Bal 2016, p. 212. Eggens 1927 twijfelde hier al niet aan. Aldus ook de toelichting op het Ontwerp-Van der Grinten, p. 1110; instemmnd: Lubbers 1973, p. 78. Volgens Tervoort 2016, p. 167 bestaat op dit punt rechtsonzekerheid.
Over de voordien geldende regeling, zie Van de Streek 2008, p. 22/23. De mogelijkheid tot omzetting van een rechtspersoon van een bepaalde soort in een rechtspersoon in een andere soort is geïntroduceerd bij de Wet op de stichtingen 1956. In de Vaststellingswet Boek 2 BW is deze mogelijkheid voor alle rechtspersonen overgenomen.
Timmerman 1991, p. 879; Pitlo/Raaijmakers 2000, p. 397; en Van de Streek 2008, p. 23/ 24.
Raaijmakers 1997; Pitlo/Raaijmakers 2000, p. 440 e.v.
Zie 3.4.5.2.
Assink betwijfelt of een (openbare) maatschap met behoud van identiteit kan worden omgezet in een VOF.1 Tervoort meent dat dit mogelijk is.2 Ik vat de maatschap niet op als rechtssubject, VOF en CV wel.3 In deze benadering kan van omzetting van een maatschap in een VOF met behoud van rechtssubjectiviteit natuurlijk geen sprake zijn. Omzetting van VOF in CV, beide rechtssubject, is mogelijk op basis van het beginsel van de organisatievrijheid.4 De wet stelt hier geen beperkingen. Wel moeten vanzelfsprekend de voor de betrokken rechtsvorm geldende vereisten in acht genomen worden.
Op basis van artikel 2:18 BW, dat dateert uit 1992,5 kan een rechtspersoon worden omgezet in een ander type rechtspersoon.6 Deze omzettingsvrijheid ligt in het verlengde van de rechtsvormkeuzevrijheid.7 De mate waarin de rechtsverhoudingen tussen betrokkenen als gevolg van de omzetting wijzigen, verschilt per geval. Het hangt af van de aard van de oorspronkelijke en de nieuwe rechtsvorm en de inhoud van de oude en de nieuwe statuten. De vereisten voor omzetting zijn eenvoudig: besluit en notariele akte. In bepaalde gevallen komen daar bijzondere vereisten bij, zoals het vereiste van een accountantsverklaring bij omzetting naar een NV,8 een schuldeisersverzetsprocedure bij omzetting van een kapitaalvennootschap in bijvoorbeeld een coöperatie,9 en het vereiste van rechterlijke machtiging bij omzetting van of naar een stichting.10
Volgens Raaijmakers kan een VOF op grond van artikel 2:18 BW worden omgezet in een BV.11 Dit past bij zijn opvatting dat de VOF naar huidig recht rechtspersoon is.12 In de wetsgeschiedenis van het Ontwerp-Maeijer is deze zienswijze m.i. terecht verworpen,13 conform de heersende leer. Het gesloten systeem van Boek 2 BW staat eraan in de weg.