NJ 2001, 533
Rechtsmiddelenproblematiek en tardiviteit; geen conversie.
HR 03-07-2001, ECLI:NL:HR:2001:ZD2885
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
3 juli 2001
- Magistraten
W.J.M. Davids, G.J.M. Corstens, A.J.A. van Dorst, Machielse
- Zaaknummer
01758/99E
- Conclusie
A-G Machielse
- LJN
ZD2885
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2001:ZD2885, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 03‑07‑2001
ECLI:NL:HR:2001:ZD2885, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 03‑07‑2001
- Wetingang
Sv art. 399; Sv art. 404; Sv art. 408 lid 1
Essentie
De Hoge Raad verstaat dat verdachte die ‘beroep’ aantekende verzet had willen aanwenden en constateert dat dat rechtsmiddel tardief is ingesteld. De Hoge Raad verklaart de verdachte (zonder meer) niet-ontvankelijk in het ingestelde beroep.
Voorgaande uitspraak
Arrest op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen vonnis van de Economische Politierechter in de Arrondissementsrechtbank te 's-Gravenhage van 12 december 1997, parketnummer 09/085316–97, in de strafzaak tegen A. van der W.
Hof:
Uitspraak
De Economische Politierechter heeft de verdachte ter zake van 'overtreding van een voorschrift gesteld krachtens artikel 10.10 eerste lid, van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.