De reikwijdte van medezeggenschap
Einde inhoudsopgave
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/3.3.7:3.3.7 Verhouding tot WOR
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/3.3.7
3.3.7 Verhouding tot WOR
Documentgegevens:
Datum 01-01-2014
- Datum
01-01-2014
- JCDI
JCDI:ADS387325:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Art. 4 lid 7 FGR bepaalt dat partijen de betrokken ondernemingsraden in de gelegenheid stellen kennis te nemen van het oordeel van de vakbonden, opdat zij daarmee rekening kunnen houden bij het uitbrengen van hun advies. Uit de jurisprudentie van de Geschillencommissie volgt niet eenduidig of hiermee bedoeld is dat de vakbonden moeten worden geraadpleegd voordat de OR om advies wordt gevraagd. In 2009 overwoog de Geschillencommissie dat de volgorde als volgt is: eerst dienen de betrokken vakbonden een oordeel te geven over de voorgenomen transactie. De or dient vervolgens van dat oordeel in kennis te worden gesteld alvorens hij advies uitbrengt. Mede op die wijze kan het oordeel van de betrokken vakbonden van wezenlijke invloed zijn op het fusiebesluit en de modaliteiten van de fusie. Wanneer de vakbond later wordt geraadpleegd dan de or, is sprake van schending van de SER-fusiegedragsregels.1 Eerder oordeelde de commissie echter dat van partijen verwacht mag worden dat zij met het oog op art. 4 lid 7 FGR de fusie gelijktijdig met het advies aan de or of vlak daarvoor aan de vakbonden melden.2