Sfeerovergangen in de winstsfeer
Einde inhoudsopgave
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/1.4.3:1.4.3 Concretisering toetsingskader
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/1.4.3
1.4.3 Concretisering toetsingskader
Documentgegevens:
Mr. dr. B.F.M. Coebergh, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
Mr. dr. B.F.M. Coebergh
- JCDI
JCDI:ADS630436:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Inkomstenbelasting / Winst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zicht op fiscale wetgeving, Inaugurele rede Van der Geld.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Sfeerovergangen worden onder andere veroorzaakt door een wetswijziging of doordat als gevolg van een feitenwijziging niet meer of voor het eerst aan de voorwaarden van een subjectieve of objectieve vrijstelling wordt voldaan. In dit onderzoek gaat het niet over de vraag of de wettelijke bepaling waardoor de sfeerovergang optreedt voldoet aan de kwaliteitseisen. Het gaat om de vraag of als er sprake is van een dergelijke wijziging vervolgens een adequate belastingheffing ontstaat. Om in casu een praktische toetsing mogelijk te maken, is een nadere concretisering van het toetsingskader noodzakelijk. Ik heb ervoor gekozen om de inhoudelijke elementen te toetsen en vervolgens te kijken naar de praktische toepassing en de uitvoerbaarheid.
Inhoudelijke elementen van de wet (toetscriteria 1, 2, 3 en 5)
Het totaalwinstbeginsel neemt een prominente rol in bij de belastingheffing van ondernemingen. Het doel van de totaalwinstbepaling is een adequate belastingheffing bij ondernemingen die recht doet aan het draagkrachtbeginsel. Ook bij een sfeerovergang dienen daarom de uitgangspunten van totaalwinst in acht te worden genomen. Vanuit de ratio dat alleen de draagkrachtaanwas uit de belaste periode in de belastingheffing dient te worden betrokken, moet sprake zijn van een toerekeningsmechanisme dat ervoor zorgt dat niet meer, maar ook niet minder dan de draagkrachtaanwas van de belaste periode in de heffing wordt betrokken. Bij aanvang van de belastingplicht op enig moment moet worden voorkomen dat voordelen welke hun oorsprong vinden in de onbelaste periode alsnog in de heffing worden betrokken en er sprake is van terugwerkende kracht. Ook heffingslekken moeten worden voorkomen. Dit gebeurt als voordelen die toerekenbaar zijn aan de belaste periode, niet in de heffing worden betrokken.
Praktische toepassing en uitvoerbaarheid (criteria 4 en 6)
De massaliteit die samenhangt met het belastingrecht brengt mee dat uitvoerbaarheid extra zwaar moet wegen om tot goede wetgeving te komen en dat de wetgever zich niet in detailrechtvaardigheid moet verliezen.1 In principe hoeft een belastingplichtige die geconfronteerd wordt met een sfeerovergang slechts eenmalig een fiscale openings- of slotbalans op te stellen. Deze verplichting is van groot belang om de draagkrachtaanwas van de belaste periode (ofwel de totaalwinst) te kunnen bepalen. Op basis hiervan wordt de totale belastingbijdrage bepaald. Ondanks dat de regeling complex in de uitvoering is, weegt een adequate vaststelling van de totaalwinst daarom zwaarder dan de praktische toepassing en uitvoerbaarheid.
Deze invalshoeken resulteren in de volgende concrete criteria op basis waarvan de regels bij een sfeerovergang van een onderneming kunnen worden getoetst:
De uitwerking is in overeenstemming met de uitgangspunten van het totaalwinstbeginsel.
De voordelen worden op een adequate manier toegerekend aan de belaste periode.
Het systeem is duidelijk en praktisch toepasbaar.
De eerste twee criteria dienen nader te worden ingevuld. Hiervoor is het noodzakelijk dat eerst (positiefrechtelijk) wordt onderzocht welke uitgangspunten in acht dienen te worden genomen bij het bepalen van de totaalwinst en wanneer sprake is van een adequate toerekening.