Einde inhoudsopgave
Omzetting van rechtspersonen (FM nr. 129) 2008/2.7.4
2.7.4 Notariële akte van omzetting
Dr. J.L. van de Streek, datum 01-09-2008
- Datum
01-09-2008
- Auteur
Dr. J.L. van de Streek
- JCDI
JCDI:ADS500127:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Vennootschapsbelasting (V)
Vennootschapsbelasting / Omzettingsregeling
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie C.W. de Monchy, De nieuwe algemene bepalingen van Boek 2 (Preadvies Vereeniging Handelsrecht), Zwolle: Tjeenk Willink 1991, p. 116 en P.L. Dijk & Tj. van der Ploeg, Van vereniging en stichting, coöperatie en onderlinge waarborgmaatschappij, Deventer: Kluwer 2007, p. 333. M.A. Verbrugh, Structuurwijzigingen en kapitaalvennootschappen en de positie van schuldeisers (Uitgave vanwege het Instituut voor Ondernemingsrecht, deel 58), Deventer: Kluwer 2007, p. 348 pleit overigens ervoor om een expliciete regeling over het moment van inwerkingtreding van een omzetting in de wet op te nemen.
Op grond van art. 2:318 lid 1 en art. 2:334n BW wordt de notariële fusie- respectievelijk splitsingsakte pas van kracht de dag na het verlijden van de akte.
Aldus J.M.M. Maeijer, Vertegenwoordiging en rechtspersoon: de rechtspersoon (deel 2-II Asser-serie), Deventer: Tjeenk Willink 1997, p. 164.
Zie voor kritiek op de uitspraak de JOR-noot van C.W. de Monchy onder deze uitspraak. J.M.M. Maeijer, Vertegenwoordiging en rechtspersoon: de rechtspersoon (deel 2-II Asser-serie), Deventer: Tjeenk Willink 1997, nr. 154, p. 167 vindt echter conform Rechtbank Amsterdam de rechterlijke machtiging ook een constitutief vereiste.
Volgens G.J.C. Rensen, Extra-verplichtingen van leden en aandeelhouders, Deventer: Kluwer 2005, p. 328 geldt dit, hoewel dit niet uit de wet blijkt, ook bij de omzetting van een rechtspersoon van het verenigingstype in een stichting.
J.M.M. Maeijer, Vertegenwoordiging en rechtspersoon: de rechtspersoon (deel 2-II Asser-serie), Deventer: Tjeenk Willink 1997, nr. 153, p. 165.
C.W. de Monchy, De nieuwe algemene bepalingen van Boek 2 BW (Preadvies Vereeniging Handelsrecht), Zwolle: Tjeenk Willink 1991, p. 117 en J.M.M. Maeijer, Vertegenwoordiging en rechtspersoon: de rechtspersoon (deel 2-II Asser-serie), Deventer: Tjeenk Willink 1997, nr. 153, p. 164-165.
De omzetting komt op de voet van art. 2:18 lid 2 onderdeel c BW tot stand door het verlijden van de notariële akte van omzetting waarin tevens de nieuwe statuten zijn opgenomen. Dit inwerkingtredingstijdstip is niet expliciet opgenomen in de wet maar wordt algemeen aangenomen.1 Anders dan bij een fusie- of splitsingsakte heeft de omzettingsakte geen vertraagde werking van rechtswege.2 In de omzettingsakte kan wél worden bepaald dat de omzetting pas op een later tijdstip in werking treedt.3 Volgens Rb. Amsterdam 28 maart 1998, nr. 98.0395H, JOR 1998/105 (Protestantse Woningbouwvereniging) kan – indien voor de omzetting een rechterlijke machtiging is vereist (zie par. 2.8.6 hierna) – de notariële omzettingsakte pas worden verleden, en daarmee de omzetting pas tot stand komen, ná de datum van de beschikking waarbij de rechterlijke machtiging is verleend.4 Hetzelfde is expliciet in de wet vastgelegd met betrekking tot de omzetting van een OVR in een BV en omgekeerd. Deze omzettingen op de voet van Titel 7.13 NBW vereisen zowel een rechterlijke machtiging als een notariële akte. De volgorde is geregeld in art. 7:834 lid 3 laatste volzin NBW en art. 7:835 lid 3 laatste volzin NBW op grond waarvan de notaris in de akte van omzetting moet verklaren dat de rechterlijke machtiging op het ontwerp van de akte is verleend. Voorts blijkt uit art. 2:183 lid 3 tweede volzin BW en art. 2:72 lid 3 tweede volzin BW dat wanneer een vereniging, coöperatie of onderlinge waarborgmaatschappij zich omzet in een BV respectievelijk een NV de notariële akte pas kan worden verleden indien de opzegtermijn van een lid is verlopen.5 Zie over de mogelijkheid tot het opzeggen van het lidmaatschap bij omzetting paragraaf 2.8.2 hierna.
Uit de notariële akte van omzetting moet (in elk geval) blijken dat het omzettingsbesluit en het besluit tot statutenwijziging zijn genomen.6 Afhankelijk van de omzettingsvariant zullen in de akte van omzetting aanvullende regelingen nodig zijn, teneinde een goede overgang van de rechtsvorm te waarborgen, bijvoorbeeld (overgangs-)bepalingen met betrekking tot de samenstelling van de organen van de rechtspersoon.7 Bij de omzetting van een coöperatie in een BV/NV en omgekeerd kan worden gedacht aan de ‘ruilverhouding’ tussen het lidmaatschapsrecht van de coöperatie en de aandelen in de BV/NV.