Einde inhoudsopgave
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/3.4.2.
3.4.2. Overdracht van zeggenschap over de vennootschap of de onderneming?
Datum 01-01-2014
- Datum
01-01-2014
- JCDI
JCDI:ADS389710:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Rood/Verburg, Wet op de ondernemingsraden, p. 291.
Hof Amsterdam 27 juli 1989, NJ1990, 734, ROR 1989/30 (PUEM). Minder expliciet: OK30 augustus 1984, NJ 1985, 475.
Zie hierover ook J. Roest, Medezeggenschap van werknemers bij financieel-economische besluiten, Diss. 1996, p. 196-197. R.H. van het Kaar, Losbladige ondernemingsraad, Artikel 25 aantekening 9. CÆ Uniken Venema, ‘De medezeggenschap van werknemers ingeval van fusie door openbare biedingen op aandelen’, in: Van vennootschappelijk belang. Opstellen aangeboden aan prof. mr. J.J.M. Maeijer, Zwolle: Tjeenk Willink 1988 p. 365. G.N.H. Kemperink, Fusies, overnames en medezeggenschapsrechten, Deventer: Kluwer 2002. In de jaren 80 stelde Honée: overdracht van aandelen is een beslissing van de aandeelhouders; de zeggenschap over de aandelen wordt overgedragen zonder dat de ondernemer (de vennootschap) die de onderneming in stand houdt verandert. Er is dus geen adviesrecht ex art. 25 lid 1 sub a WOR. Naar zijn mening is er echter wel sprake van een adviesrecht op grond van 25 lid 1 sub b WOR. H.J.M.N. Honée, Concernrecht en medezeggenschapsregelingen, Deventer: Kluwer 1981, p. 149. Dit was echter voor de PUEM-uitspraak.
Art. 25 lid 1 sub a WOR bepaalt dat een voorgenomen besluit tot overdracht van zeggenschap over de onderneming ter advisering aan de or moet worden voorgelegd en ook de FGR sluit aan bij het begrip onderneming. In Roods Wet op de ondernemingsraden wordt overdracht van zeggenschap gedefinieerd als “het voor zeggen hebben”. Dat “voor het zeggen hebben” kan volgens de laatste druk zowel voortvloeien uit een juridische positie als uit een feitelijke positie.1 Is in het geval van een aandelenfusie wel sprake van overdracht van zeggenschap over de onderneming? De aandelen in de rechtspersoon – de ondernemer – worden immers overgedragen, en in beginsel brengt dat geen gevolgen met zich voor de onderneming (de arbeidsorganisatie). In de PUEM-zaak heeft het Hof Amsterdam echter geoordeeld dat de overdracht van de zeggenschap over de ondernemer tevens leidt tot overdracht van de zeggenschap over de onderneming.2 Naar aanleiding van deze uitspraak is de heersende leer in de literatuur dat de overdracht van de ondernemer tevens de overdracht van de onderneming impliceert.3 Ik sluit me daarbij aan. In de volgende paragraaf ga ik in op de vraag hoeveel procent van de aandelen dan moet worden overgedragen wil er sprake zijn van overdracht van zeggenschap.