Einde inhoudsopgave
Beschadigd vertrouwen 2021/7.6.3.2
7.6.3.2 Gerichte communicatie
G.M. Kuipers MSc, datum 01-09-2021
- Datum
01-09-2021
- Auteur
G.M. Kuipers MSc
- JCDI
JCDI:ADS480908:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Van den Broek, De Volkskrant 3 december 1998; Van Houwelingen & Steeskamp, Het Parool 15 september 2004.
Meeus & Schoorl, De Volkskrant 5 augustus 2004; GIS Voortgangsrapport 6 2007, p. 3.
Eindevaluatie GIS-3 2012, p. 11.
Verslag Schadeschap 30 oktober 2002, p. 4.
Beknopt verslag Schadeschap 23 juni 2004, p. 4; Verslag Schadeschap 27 juni 2006, p. 2.
De Groen, Oranje & Renooij 2008, p. 21.
Verslag Schadeschap 27 mei 2009, p. 2-3.
Interviews betrokkenen 2020.
Niet bij steen alleen 2016, p. 4.
Rapport inzake de jaarrekening 2018, p. 10.
Draaiboek werkwijze Gebiedsgerichte projecten 2017, p. 8-11; Rapport inzake de jaarrekening 2018, p. 8.
Stichting Leefomgeving Schiphol, leefomgevingschiphol.nl.
Tijdens de eerdere jaren van de geluidsisolatieprojecten werd kritiek geuit op de communicatie richting bewoners. Men vond dat onvoldoende rekening werd gehouden met de wensen van omwonenden1 en er heerste bijvoorbeeld onduidelijkheid over de brandveiligheid van de gebruikte materialen.2 Aan de andere kant hoefden bewoners zich niet aan te melden maar werden zij actief benaderd om deel te nemen aan het project, op basis van gegevens van het kadaster.3
Bij het Schadeschap was aanvankelijk sprake van beperkte communicatie: er ‘was afgesproken dat het Schadeschap niet actief naar buiten zou treden.’4 Hoewel men informatiepanelen in de gemeenten installeerde en een website onderhield, was er onvoldoende capaciteit voor communicatie.5 Uit een evaluatie uit 2008 bleek dat veel ondervraagde verzoekers de toelichting vanuit het Schap onvoldoende vonden: 27% van de verzoekers wiens aanvraag was gehonoreerd vond de toelichting niet (erg) duidelijk, en 57% van de verzoekers wiens aanvraag was afgewezen vond dit niet (erg) duidelijk.6 De gemiddelde verzoeker leek de besluiten niet goed leesbaar te vinden, veelal vanwege ‘het gebruikte juridische jargon.’7 Hoewel het Schadeschap met het Basisdocument en het Reglement bezwaarschriften had geprobeerd om burgers voor te lichten, bleek de materie te ingewikkeld voor burgers, waardoor de communicatieve bijdrage beperkt bleef.8
De Stichting Leefomgeving Schiphol constateerde dat de hantering van een limitatieve lijst in de eerste tranche had voorkomen dat alle gedupeerden bij hen aan konden kloppen en wilde in het vervolg meer gericht communiceren met mogelijke verzoekers. In de tweede tranche richtte de Stichting zich op ‘actief communiceren’9 binnen zijn netwerk van gemeenten, maatschappelijke partijen en de Omgevingsraad Schiphol, hoewel het lastig bleef om de doelgroep in beeld te krijgen.10 Ten behoeve van de bottom-up gebiedsgerichte projecten zocht de Stichting publiciteit voor brainstormsessies en klankbordgroepen.11 De Stichting besteedde op haar website via (twee-)maandelijkse berichtgeving tevens aandacht aan (de voortgang van) initiatieven die een bijdrage ontvingen.12