Einde inhoudsopgave
Beschadigd vertrouwen 2021/7.6.1.1
7.6.1.1 Verantwoordelijkheid voor schadebeleid
G.M. Kuipers MSc, datum 01-09-2021
- Datum
01-09-2021
- Auteur
G.M. Kuipers MSc
- JCDI
JCDI:ADS480680:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken I 1981 16400 XII, nr. 4, p. 6.
Wet geluidhinder, Stb. 1979, nr. 99.
Kamerstukken II 1990/91, 21946, nr. 7, p. 6; Rapport Algemene Rekenkamer 2004, p. 19; Audit Sanering woningen 1991.
Regeling geluidwerende voorzieningen 1997, Stcrt. 1997, nr. 47, p. 7; Rapport Algemene Rekenkamer 2004, p. 21.
Rapport Algemene Rekenkamer 2004, p. 15.
‘Gemeenschappelijke regeling Schadeschap Luchthaven Schiphol’, Stcrt. 1998, nr. 223.
Stcrt. 1998, nr. 223, p. 6.
Stcrt. 1998, nr. 223, p. 1-4, 9; zij functioneerden ook als informatiepunt: Beknopt verslag Schadeschap 23 juni 2004, p. 6.
Stcrt. 1998, nr. 223, p. 8.
Kamerstukken II 2005/06, 29665, nr. 48; Kamerstukken II, 2008/09, 29665, nr. 115.
ABRvS 17 september 2014, ELCI:NL:RVS:2014:3379.
Evaluatie convenant omgevingskwaliteit 2013, p. 14.
De Rijksoverheid heeft op verschillende manieren ingezet op de vermindering van de overlast van vliegtuiggeluid. Naast internationale normafspraken en nationale wet- en regelgeving die de overlast beperken en begrenzen (maatregelen bij de bron) werkte het Rijk aan maatregelen om burgers voor de gevolgen van het vliegtuiggeluid te beschermen.1 Geluidsisolatie zag zij als ‘laatste schakel van het beleid’2 tegen geluidsoverlast. De drie opeenvolgende geluidsisolatieprojecten waren primair opgezet vanwege gezondheidsredenen en ter bescherming van de bevolking, met als bijgevolg om het draagvlak rondom de luchthaven te verbeteren.3 Met het aannemen van de Wet geluidhinder in 1979 erkende de overheid de mogelijke effecten van lawaai – ook vanuit andere bronnen dan vliegtuigen, zoals nabijgelegen wegen of industrie – op het milieu en de volksgezondheid.4
Het Rijk gaf concrete invulling aan deze normen door van 1984 tot 2012 huizen en geluidsgevoelige gebouwen rondom Schiphol te (laten) isoleren. De uitvoering van de Regeling geluidwerende voorzieningen was aanvankelijk in handen van Rijkswaterstaat, maar werd voor GIS-2 overgedragen aan Schiphol op basis van aanbevelingen van de commissie In ’t Veld.5 Desondanks verliep de uitvoering via door het Rijk gecreëerde regelgeving.6 Toen de Afdeling advisering van de Raad van State adviseerde om deze opzet te wijzigen omdat het saneren van woningen een overheidstaak zou moeten zijn,7 werd de uitvoering weer overgedragen aan Rijkswaterstaat.8 Rond de besluitvorming en uitvoering van geluidsisolerende maatregelen heeft de overheid dus veelal de verantwoordelijkheid genomen.
Het Schadeschap was als gemeenschappelijke regeling opgezet door 29 betrokken overheden. Hun doel was rechtsgelijkheid te bevorderen, doordat besluitvorming vanuit een centraal punt zou plaatsvinden voor inwoners van de verschillende regio’s en bestuurslagen.9 Hoewel planschade- en nadeelcompensatievergoeding reguliere overheidstaken zijn, vonden de betrokken bestuursorganen dat de uitbreiding van Schiphol via de Polderbaan een ontwikkeling van dermate grootte was, dat deze speciale maatregelen en de overdracht van bevoegdheden tot beslissen op verzoeken om nadeelcompensatie aan het Schadeschap rechtvaardigde.10 De bestuursorganen bleven bij de besluitvorming en uitvoering van het Schadeschap betrokken via hun rol als algemeen en dagelijks bestuur,11 hoewel de daadwerkelijke beslissingen over schadevergoeding werden genomen door de onafhankelijke besliscommissie.12
De leefbaarheidsmaatregelen volgden uit de Aldersakkoorden, die werden gesloten door overheidspartijen, de luchtvaartsector en bewonersvertegenwoordigers.13 De overheid speelde rond de afspraken over leefbaarheid een ondersteunende, maar geen leidende rol. De uitvoeringsorganisatie Stichting Leefomgeving Schiphol ontving gelden van het Rijk, de provincie Noord-Holland en de luchthaven Schiphol, maar bleek volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geen bestuursorgaan.14 Tegelijkertijd boden de partijen aan de Alderstafel, waaronder de overheid, via de oprichting van de Stichting erkenning voor de leefbaarheidsproblemen in de Schipholregio: ‘Het is van belang gebleken dat er een instantie is waar men zijn verhaal kwijt kan en dat men serieus wordt genomen.’15