Financiële controle in het gemeenterecht
Einde inhoudsopgave
Financiële controle in het gemeenterecht (Dissertatieserie Vakgroep Staatsrecht Groningen) 2011/§7.1.:§7.1. Inleiding
Financiële controle in het gemeenterecht (Dissertatieserie Vakgroep Staatsrecht Groningen) 2011/§7.1.
§7.1. Inleiding
Documentgegevens:
dr. W. van der Woude, datum 21-09-2011
- Datum
21-09-2011
- Auteur
dr. W. van der Woude
- Vakgebied(en)
Overheidsfinanciën (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Van der Pot/Elzinga/De Lange (2006), p. 896.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De introductie van gemeentelijke rekenkamers is één van de aspecten van de dualisering van de financiële functie, die zich konden verheugen in een grote parlementaire belangstelling. Dit hoofdstuk handelt over deze rekenkamers. De aandacht zal daarbij voornamelijk liggen op de verhouding tussen deze rekenkamers en de gemeenteraad. Hiertoe zal uitgebreid worden gekeken naar de parlementaire behandeling van dit onderdeel van de dualiseringswetgeving. Omdat de inwerkingtreding van de bepalingen over de rekenkamers heeft geleid tot belangrijke schorsings- en vernietigingsbesluiten en daarop volgende jurisprudentie, zal ook aan deze jurisprudentie uitgebreid aandacht worden besteed. Verder bevat dit hoofdstuk een overzicht van de wettelijke positie, de taken en de bevoegdheden van deze rekenkamer, alsmede een analyse van het type onderzoek dat deze rekenkamers verrichten. Het hoofdstuk wordt afgesloten met een aantal voorzichtige conclusies omtrent de gewenste onafhankelijkheid van de rekenkamers en de vraag in hoeverre deze rekenkamers in verband kunnen worden gebracht met het uitgangspunt van de versterking van de positie van de gemeenteraad.
- Terminologie
Zoals zal blijken, voorziet de Gemeentewet in twee hoofdtypen van rekenkamers: de onafhankelijke rekenkamer en de andere personen of organen belast met de rekenkamerfunctie. Deze laatste categorie wordt in sommige bronnen kortweg aangeduid als "de rekenkamerfunctie". Dit leidt soms tot merkwaardige taalkundige constructies waarin het woord rekenkamerfunctie als handelende entiteit wordt opgevoerd. Zo schrijft het Handboek van het Nederlandse Staatsrecht bijvoorbeeld: "Dit betekent dat de rekenkamerfunctie een zelfde taakstelling uitoefent als de rekenkamer."1 Om dergelijk 'krom' taalgebruik te voorkomen, is ervoor gekozen de personen of organen die belast zijn met de uitoefening van de rekenkamerfunctie hieronder zoveel mogelijk aan te duiden als 'rekenkamercommissies'. Hoewel dit niet in alle gevallen recht doet aan de variëteiten die onder deze noemer kunnen worden geschaard, biedt deze term voor het doel van dit onderzoek voldoende onderscheidend vermogen ten opzichte van de onafhankelijke rekenkamer. Wanneer zowel onafhankelijke rekenkamers als rekenkamercommissies worden bedoeld, zal hieronder verder worden gesproken van `rekenkamer(commissie)s'.