Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/4.2.1.1:4.2.1.1 Externe aspect
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/4.2.1.1
4.2.1.1 Externe aspect
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS483564:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het externe aspect, te weten de aansprakelijkheid voor schulden, wordt geregeerd door het overeenkomstenrecht en de wet.1
In beginsel is degene die een schuld aangaat aansprakelijk voor de betaling daarvan. Slechts dan zijn derden – in ons geval andere deelgenoten – aansprakelijk ingeval zij ter zake van de rechtshandeling worden vertegenwoordigd en aldus partij bij de overeenkomst zijn.2 Dit zal onder andere het geval zijn indien de handelende deelgenoot een daartoe strekkende volmacht heeft gekregen.3 Overigens kan deze vertegenwoordigingsbevoegdheid ook worden ontleend aan art. 3:170:
‘dat de bevoegdheid van een deelgenoot om uit hoofde van artikel 3.7.1.3a lid 1 of krachtens een beheersregeling met werking jegens de andere deelgenoten rechtshandelingen te verrichten, insluit dat hij bevoegd is die rechtshandelingen te verrichten.’4
Uiteraard zijn de deelgenoten allen aansprakelijk indien zij tezamen in persoon handelen.
Aansprakelijkheid uit de wet kan bijvoorbeeld voortvloeien uit art. 6:174 (aansprakelijkheid voor opstallen) jo. 6:180.
Een crediteur kan zich verhalen op het vermogen van zijn debiteur/deelgenoot. Tot dit vermogen behoort een onverdeeld aandeel in de gemeenschap. Een crediteur kan zich niet verhalen op het gemeenschapsgoed zelf.5 Van een afgescheiden vermogen en derhalve een preferentie is geen sprake.
De verkrijger van een onverdeeld aandeel is gebonden aan het bepaalde in art. 3:176 lid 1. Dit betekent dat hij ‘onverwijld’ mededeling van die verkrijging moet doen aan de overige deelgenoten of aan degene die door de deelgenoten of de rechter met het beheer over het goed is belast.
Ingeval alle deelgenoten aansprakelijk zijn voor een door hen aangegane schuld – het betreft hier niet alleen schulden voor rekening van de gemeenschapmaar ook andere schulden waarvoor de deelgenoten tezamen aansprakelijk zijn6 – zou de desbetreffende crediteur alle onverdeelde aandelen tezamen kunnen uitwinnen.7 Voor deze situatie geldt een bijzondere regel: art. 3:176 lid 3. Lid 1 van dit artikel is niet van toepassing in geval van uitwinning van alle aandelen gezamenlijk.
Ook in geval van gezamenlijke uitwinning van de onverdeelde aandelen blijven de lotgevallen van de afzonderlijke deelgenoten van belang. Voor iedere afzonderlijke deelgenoot kan gelden dat in concurrentie wordt getreden met andere persoonlijke schuldeisers van de betreffende deelgenoot.8 Het faillissement van een deelgenoot brengt met zich mee dat de opbrengst van het onverdeelde aandeel in de failliete boedel valt.9