NJB 2016/2006:Contractsvrijheid. Huisartsenzorg. De tuchtrechter legt aan een huisarts een voorwaardelijke schorsing op voor de duur van zes maanden. Een coöperatie die huisartsendiensten verleent, weigert deze huisarts toe te laten als waarnemer. Het hof oordeelt dat de coöperatie de huisarts moet toelaten. HR: Het hof heeft miskend 1. dat het de coöperatie in beginsel vrijstond de belangen van de aan haar zorg toevertrouwde patiënten de doorslag te laten geven bij haar beslissing om de huisarts al dan niet als waarnemer te accepteren, 2. dat de coöperatie in beginsel zelf mocht bepalen welke betekenis de tuchtrechtelijk gegrond bevonden klacht had voor haar bereidheid om de huisarts (weer) als waarnemer in te schakelen, en 3. dat de coöperatie in beginsel onderscheid mocht maken tussen haar leden/praktijkhouders en derden, zoals deze huisarts