De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken
Einde inhoudsopgave
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/6.1.4:6.1.4 Inschatting van de rechter
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/6.1.4
6.1.4 Inschatting van de rechter
Documentgegevens:
Janneke van der Linden, datum 14-04-2010
- Datum
14-04-2010
- Auteur
Janneke van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS371476:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Interpersoonlijke rechtvaardigheid «387,766) = 6.04, p = .000 en informatieve rechtvaardigheid «353,886) = 237, p = .018.
Daar moet echter wel als kanttekening bij geplaatst worden dat de gemiddelde score van partijen bij de ervaren informatieve rechtvaardigheid nog geen vier is en niet erg hoog te noemen is.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De rechter van iedere zitting is gevraagd in te schatten wat de rechtvaardigheidspercepties van de partijen uit de desbetreffende zitting waren. De rechters kregen hiertoe exact dezelfde stellingen als partijen (zie tabel 4) voorgelegd met het verzoek zich te verplaatsen in de aanwezige partijen en in te vullen hoe rechtvaardig zij de zitting hadden ervaren. Zij konden slechts één score voor beide partijen samen invullen. Als de inschatting van rechters goed is, zouden er significant positieve correlaties gevonden moeten worden tussen de inschattingen van de rechter en de zelfgerapporteerde rechtvaardigheid van partijen. Deze zijn echter niet gevonden (tabel 66).
Inschatting van de rechter van de percepties van ...
Eiser
Gedaagde
Procedurele rechtvaardigheid
.147
.151
Interpersoonlijke rechtvaardigheid
-.096
.033
Informatieve rechtvaardigheid
.028
.060
*deze correlatie is significant: p < .05 (2-tailed)
Als vervolgens de gemiddelde inschatting van de rechters vergeleken wordt met de gemiddelde zelfgerapporteerde rechtvaardigheidsscores van partijen (tabel 67), wordt duidelijk dat rechters de door partijen ervaren interpersoonlijke en informatieve rechtvaardigheid onderschatten.1 Het verschil tussen de procedurele rechtvaardigheidspercepties van partijen en de inschatting daarvan door de rechter is niet significant. In werkelijkheid zijn partijen dus gemiddeld positiever over de manier waarop de rechter hen behandelt en over de informatie en uitleg die zij over de zitting krijgen dan rechters denken. Dit is een positieve uitkomst voor rechters en het geeft aan, dat zij soms wat positiever over zichzelf mogen denken.2
Procedurele rechtvaardigheid
Interpersoonlijke rechtvaardigheid
Informatieve rechtvaardigheid
Zelfgerapporteerde rechtvaardigheid van partijen
3.98 (.55)
4.23 (.56)
3.78 (.48)
Inschatting rechters
3.91 (.35)
3.96 (.36)
3.68 (.40)
Hierbij moet echter opgemerkt worden dat het lastig was voor rechters om de stellingen steeds in te vullen voor eiser en gedaagde samen. In de vorige paragraaf werd ook duidelijk dat er weinig tot geen samenhang bestaat tussen de rechtvaardigheidspercepties van eisers en gedaagden. Een klein aantal rechters merkte tijdens de interviews ook op dat zij moeite had één inschatting te maken voor beide partijen samen.
Wat ten slotte opvalt bij de inschattingen van de rechters is dat zij de ervaren informatieve rechtvaardigheid het laagste van de drie typen rechtvaardigheid inschatten. In de vorige paragraaf kwam naar voren, dat partijen hierover ook het minst te spreken zijn.