De acting in concert-regeling inzake het verplicht bod op effecten
Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/5.4.5:5.4.5 Toezicht en handhaving
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/5.4.5
5.4.5 Toezicht en handhaving
Documentgegevens:
mr. J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
mr. J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS363912:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie de toelichting bij het wetsontwerp van 24 februari 2006, BT-Drucks. 16/1003, p. 23 (l.k.).
Bolle 2008, p. 242.
Zie nader Faden 2008, p. 298-300.
In § 59 WpÜG wordt geregeld dat de aan het aandeel verbonden rechten worden opgeschort tot de biedplicht wordt nagekomen. Zie nader hierover Faden 2008, p. 295-296.
Zie § 38 WpÜG
Zie § 6 WpÜG.
Bij een boetebesluit ex § 60 WpÜG, zie § 62 WpÜG.
Bij zogenaamde bürgerliche Rechtsstreitigkeiten, zie § 67 WpÜG.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Toezichthouder BaFin is belast met het toezicht op en de handhaving van de biedplicht (§ 4 WpÜG). In het kader van de implementatie van de Overnamerichtlijn is de inlichtingenbevoegdheid van de BaFin uitgebreid (§ 40 WpÜG). Die uitbreiding werd onder meer noodzakelijk geacht vanwege de ontoereikendheid van de bestaande inlichtingenbevoegdheid, specifiek bij acting in concert.1 Naar verluidt speelde dat met name in de Deutsche Börse-casus (zie eerder § 5.4.2.2 sub II).2
Als de biedplicht niet wordt nagekomen, kan de BaFin een boete opleggen (§ 60 WpÜG). Algemeen wordt aangenomen dat de BaFin in een dergelijk geval ook haar algemene – ter voorkoming van misstanden op de financiële markten toegekende – handhavingsmiddelen kan inzetten, zoals het opleggen van een dwangsom.3 Bij niet-nakoming van de biedplicht of de openbaarmakingsplicht wordt naar Duits recht bovendien het stemrecht van rechtswege opgeschort.4 In beide gevallen hebben minderheidsaandeelhouders bovendien van rechtswege een vorderingsrecht (pro rata parte) ter hoogte van 5% van de tegenprestatie die bij het verplichte bod is geboden dan wel zou moeten zijn geboden.5
Tegen handhavingsbesluiten van de BaFin kan bezwaar worden gemaakt.6 Afhankelijk van het soort besluit is in hoger beroep ofwel het OLG Frankfurt am Main bevoegd7 of een van de Landgerichte8 .