FED 2025/104
Geen inhoudingsvrijstelling door misbruik van Unierecht bij kunstmatige instandhouding van aanvankelijk zakelijke structuur; toepassing Nordcurrent door Hoge Raad.
HR 18-07-2025, ECLI:NL:HR:2025:1162, m.nt. mr. K.N.C. van Buuren
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
18 juli 2025
- Magistraten
Mrs. Van Hilten, Fierstra, Faase, Cools, Peters
- Zaaknummer
22/02691
22/02695
- Noot
mr. K.N.C. van Buuren
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD33847:1
- Vakgebied(en)
Dividendbelasting / Inhoudingsvrijstelling
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 18‑07‑2025
ECLI:NL:HR:2025:1162, Uitspraak, Hoge Raad, 18‑07‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 18‑07‑2025
ECLI:NL:HR:2025:1163, Uitspraak, Hoge Raad, 18‑07‑2025
ECLI:NL:PHR:2023:572, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 26‑05‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:540, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 26‑05‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:541, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 26‑05‑2023
- Wetingang
Essentie
Geen inhoudingsvrijstelling door misbruik van Unierecht bij kunstmatige instandhouding van aanvankelijk zakelijke structuur; toepassing Nordcurrent door Hoge Raad.
Samenvatting
De belanghebbende is een in België gevestigde BVBA die in 2004 als houdstermaatschappij was opgericht. Zij hield een belang in een Belgische NV die actief was in de energiesector en bestuurde deze NV totdat zij haar belang daarin in 2011 verkocht. In 2018 worden de aandelen in de belanghebbende gehouden door drie in België wonende familieleden, waaronder één bestuurder van de belanghebbende. De belanghebbende heeft geen kantoorruimte en geen werknemers. Wel bezit zij twee oldtimers ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.