Einde inhoudsopgave
Toegang tot het recht bij massaschade (R&P nr. 150) 2007/4.3.1
4.3.1 Toegang tot het recht
mr. I.N. Tzankova, datum 30-03-2007
- Datum
30-03-2007
- Auteur
mr. I.N. Tzankova
- JCDI
JCDI:ADS596092:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
De zogenaamde strooischade: Tzankova 2005, Hensler e.a. 2000, p. 69-72, Mulheron 2004, p. 53-54, Newberg & Conte 2004, hfd. 1, p. 26, 28, hfd. 5, p. 466-7, Note Harv.L.Rev. 2004, p. 2669-72.
Mulheron 2004, p. 54-7, Davis 1998, p. 232.
Ook Mulheron 2004, p. 55-7 lijkt dit te onderkennen.
Tzankova 2005, p. 59-60
Zo blijkt uit het onderzoek van Willging, Hooper & Niemic 1996, p. 7 dat 'In three districts, class actions took two to three times the median time from filling to disposition (15-16 months compared to 5-6 months). Ina national time study, certified and noncertified class actions on average consumed almost five times more judicial time then the typical civil case. Both these measures suggest that class actions are not routine in their longevity or in their demands on the courts'. Het eerdere onderzoek van B anoff & Duval 1984, p. 125-9, dat beperkt is tot securities litigation werpt mogelijk een ander licht op deze bevindingen. De onderzoekers concluderen dat niet zo zeer de class action procedure als zodanig voor vertraging zorgt, maar het feit dat meerdere advocaten en partijen daarbij betrokken zijn, de grote financiële belangen en de feitelijke en juridische complexheid. Deze karakteristieken zorgen altijd, ook buiten de setting van class action, voor vertragingen.
Meer in het algemeen over deze 'concurrentiestrijd' binnen het civiele proces: Zucherman 1999, p. 6-12.
Newberg & Conte 2004, hfd. 5, p. 422-3, Mulheron 2004, p. 54.
Note Harv.L.Rev. 2004, p. 2667-8, 2672-5, Rosenberg 2000, p. 397-402. Zie voor een meer algemene beschouwing over de invloed van investment asymmetries in de context van een procedure Rosenberg 1984. Over het herstel van dat balans in een onderhandelingsomgeving (enhanced bargaining leverage) zie Silver 2000, p. 202-4.
Zie echter de waarschuwing van Mulheron 2004, p. 54 en de bijhorende tekst bij noot 58.
Men spreekt van `marketable-claims': Note Harv.L.Rev. 2004, p. 2672. Hay & Rosenberg 2000, p. 1383-9 leggen helder uit hoe de asymmetrie ontstaat en hoe class action helpt om haar ongedaan te maken.
Toegang tot het recht als één van de doelstellingen van class action wordt vooral aangehaald in relatie tot aanspraken die gelet op de kosten die aan de individuele effectuering daarvan verbonden zijn, te gering zijn om de gang naar de rechter te rechtvaardigen.1
Een andere dimensie van toegang tot het recht die men in de literatuur2 onderscheidt, betreft het recht op een 'uitkomst', al dan niet via een proces of via een schikking, binnen een redelijke termijn. Het belang van deze dimensie in de context van substantiële massaschade en class action is echter niet eenduidig.3 Het is verdedigbaar dat in geval van strooischade de enkele mogelijkheid een class action te beginnen het bereiken van een schikking zal versnellen. In die gevallen betekent de afwezigheid van class action namelijk 'geen uitkomst', omdat een individuele actie geen 'teat value'4 heeft. Sommigen zien in dit gegeven een rechtvaardiging voor de introductie van class action in gevallen van strooischade. Bij substantiële massaschade ligt dat echter anders, omdat aangenomen wordt dat een individuele actie vaak wel tot de reële mogelijkheden behoort. Daar zal het bereiken van een uitkomst binnen een redelijke termijn moeten concurreren5 met andere belangrijke elementen die de toegang tot het recht vergroten, zoals kosten- en risicospreiding6 en met rechtsgelijkheid tussen de schadelijders onderling.
Op basis van het bovenstaande zou men zich op het standpunt kunnen stellen dat deze doelstelling van class action minder relevant is voor dit onderzoek, dat over substantiële massaschade gaat. De gang naar de rechter en het bereiken van een uitkomst binnen een redelijke termijn is in die gevallen ook zonder de aanwezigheid van class action mogelijk. Het instrument doet echter meer voor de toegang tot het recht van substantiële massaschadelijders: het zorgt voor 'more powerful litigation posture' .7
Ook rechtseconomen wijzen op de potentie van class action om het processuele evenwicht te herstellen tussen 'repeat players' en `one shooters'. Dat zien ze niet als een bijdrage aan de verbetering van de toegang tot het recht, maar als een bijdrage aan de verwezenlijking van een andere doelstelling die hierna nog aan bod komt: preventie en gedragsbeïnvloeding.8 Ze duiden de oorzaken van het ontbreken van dat evenwicht in het traditionele één-op-één proces als `investment asymmetries' aan. Repeat players zijn namelijk gemotiveerder om veel te investeren in de voorbereiding van hun verweer indien ze, zoals bij massaschade het geval is, geconfronteerd worden met een groot aantal soortgelijke claims, dan zij zouden zijn indien ze geconfronteerd zouden worden met een enkele claim: er staan immers grote belangen op het spel. Ze genieten het voordeel dat ze de kosten van hun verweer, ook bij de afwezigheid van class action kunnen spreiden over de verschillende individuele procedures. Dergelijke voordelen — namelijk meer investeringsmogelijkheden bij de onderbouwing van de claim en kostenspreiding — gelden in het traditionele één-op-één proces in de setting van massaschade niet voor de vele one shooters. Die zullen slechts bereid zijn om in een (individuele) actie te investeren voorzover de investering hun kansen op succes verhogen. Hiermee zijn beduidend kleinere investeringen dan in het geval van de repeat players gemoeid. Class action zorgt ervoor dat ook one shooters dergelijke voordelen kunnen genieten door de `investment asymmetries' ongedaan te maken.9 Deze asymmetrie doet zich in de traditionele processuele setting niet alleen bij strooischade, maar ook bij substantiële massaschade voor.10
Ik stel me op het standpunt dat het compenseren van `investment asymmetries' en daarmee class action tot een vergroting van de toegang tot het recht leidt in gevallen van massaschade, omdat de kwaliteit van de rechtsbijstand voor de one shooters verhoogd wordt en de kosten worden gedrukt. Dat zijn immers elementen van de hiervoor in hoofdstuk 2 onderscheiden golven van toegang tot het recht. De rechtseconomische studies over `investment asymmetries' zie ik dan ook als een aansprekend voorbeeld van hoe argumenten die aan rechtseconomische inzichten kunnen worden ontleend, benut kunnen worden in het 'klassieke' juridische onderzoek.