De reikwijdte van medezeggenschap
Einde inhoudsopgave
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/3.1:3.1 Inleiding
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/3.1
3.1 Inleiding
Documentgegevens:
Datum 01-01-2014
- Datum
01-01-2014
- JCDI
JCDI:ADS389707:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een (kapitaal)vennootschap kan op drie manieren fuseren: (i) door een activa/ passiva-transactie, ook wel bedrijfsfusie genoemd, (ii) door middel van een juridische fusie en (iii) door overdracht van een meerderheid van de aandelen, de zogenoemde aandelenfusie. Bij ieder van deze fusiemethoden geldt een andere wijze van besluitvorming. Een besluit tot het overdragen van de activa en passiva wordt (voor) genomen door het bestuur, terwijl bij een aandelenfusie de beslissing wordt genomen door de individuele aandeelhouder, al dan niet op basis van een (positieve) aanbeveling van het bestuur. De juridische fusie vereist uiteindelijk een AV(A)-besluit, maar daaraan voorafgaand stelt het bestuur een voorstel op. Nu als uitgangspunt heeft te gelden dat medezeggenschap van de or de zeggenschap volgt, heeft de keuze voor een bepaalde fusiemethode gevolgen voor het adviesrecht van de or. Het gaat daarbij om de vraag of een or adviesrecht heeft, maar ook is van belang op welk moment in de besluitvorming dit moet worden gevraagd. In dit hoofdstuk ga ik in op de rol van de werknemersvertegenwoordigers ten aanzien van de verschillende fusievormen. Ik besteed aandacht aan het adviesrecht van art. 25 WOR en enkele bevoegdheden op basis van andere wetten, zoals de Fusiegedragsregels. Specifieke aandacht wordt besteed aan de aandelenfusie op de beurs (beursovername), omdat bij een dergelijke fusie ook het effectenrecht van toepassing is. Het effectenrecht heeft tot doel een overname zo soepel mogelijk te laten verlopen en beschermt beleggers. Bij een aandelenfusie op de beurs kan zich daarom een spanning voordoen tussen rechten van werknemers op medezeggenschap en de rechten van beleggers (die worden beschermd door het effectenrecht). In dat kader zal ik ook (aan het einde van dit hoofdstuk) analyseren of de effectenrechtelijke regels inzake voorwetenschap zich verzetten tegen medezeggenschap of achterbanoverleg door or en vakbonden.
Een fusie of overname kan aanzienlijke gevolgen hebben voor de zeggenschapsverhoudingen. Bij een aandelenfusie verandert er niet veel, omdat alleen de aandelen in de rechtspersoon worden overgedragen en binnen de onderneming – de arbeidsorganisatie – niet noodzakelijk iets verandert. Dit is echter anders bij een bedrijfsfusie of een juridische fusie. In dat geval zullen verschillende ondernemingen samengevoegd worden. Het personeel gaat in het algemeen over op de verkrijger ex art. 7:662 e.v. BW, maar hoe zit dat met de or? Blijft deze bestaan na de fusie? (En behouden de individuele or-leden hun rechten op scholing en ontslagbescherming?) Deze vragen worden in dit hoofdstuk beantwoord.