RBP 2023/7
Uitvoerbaarheid bij voorraad. Kan in hoger beroep alsnog aan de uitvoerbaarheid bij voorraad een voorwaarde over de wijze van tenuitvoerlegging van het vonnis van de rechtbank worden verbonden?
Hof Den Haag 11-10-2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:1957
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
11 oktober 2022
- Magistraten
Mrs. R.J.F. Thiessen, C.A. Joustra, M.D. Ruizeveld
- Zaaknummer
200.311.508/01
- JCDI
JCDI:ADS686088:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Beslag en executie
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2024:1116, Uitspraak, Hof Den Haag, 09‑07‑2024
ECLI:NL:GHDHA:2022:1957, Uitspraak, Hof Den Haag, 11‑10‑2022
- Wetingang
Essentie
Uitvoerbaarheid bij voorraad. Voorwaarde tenuitvoerlegging.
Kan in hoger beroep alsnog aan de uitvoerbaarheid bij voorraad een voorwaarde over de wijze van tenuitvoerlegging van het vonnis van de rechtbank worden verbonden?
Samenvatting
Feiten:
Culimer heeft appellante op staande voet ontslagen. In deze procedure heeft Culimer gevorderd appellante te veroordelen tot vergoeding van de schade die Culimer heeft geleden als gevolg van door appellante gepleegde fraude. Appellante heeft gevorderd aan de uitvoerbaarheid bij voorraad van een eventuele veroordeling tot betaling van een geldsom de voorwaarde te verbinden dat Culimer zekerheid stelt voor het desbetreffende bedrag. De kantonrechter heeft appellante ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.