NJB 2026/769:Voordeelsontneming en verdeling van het wederrechtelijk verkregen voordeel tussen de betrokkene en de andere leden van de criminele organisatie, art. 511f Sv en 36e Sr: herhaling bestendige rechtspraak over verdeling in geval er meerdere daders zijn, HR 9 december 2008, ECLI:NL:HR:2008:BG1667, en kosten die voor aftrek in aanmerking komen, HR 30 oktober 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB3200. In casu is het oordeel van het hof, mede in aanmerking genomen dat de betrokkene zelf geen inzicht heeft gegeven in de (onderlinge) verdeling van het behaalde voordeel, toereikend gemotiveerd. Dat de toelichting op het cassatiemiddel in verband met het aantal personen tussen wie dit voordeel zou moeten worden verdeeld verwijst naar het door het hof bevestigde vonnis van de rechtbank in de strafzaak, waar melding gemaakt wordt van onduidelijkheid over wie het “brein is achter de organisatie”, maakt dat niet anders. CAG: anders.