De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen
Einde inhoudsopgave
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/4.1:4.1 Inleiding
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/4.1
4.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. E.J. Breukink, datum 15-04-2022
- Datum
15-04-2022
- Auteur
mr. E.J. Breukink
- JCDI
JCDI:ADS649850:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In hoofdstuk 2 beantwoordde ik de vraag wat de agenda van de algemene vergadering is, en besprak ik de regels die rondom de agenda gelden. Hoofdstuk 3 stond in het teken van de vraag wie allemaal agenderingsgerechtigd zijn, dan wel kunnen zijn. De laatste agenderingsgerechtigden die ik in hoofdstuk 3 de revue liet passeren, zijn de kapitaalverschaffers. Daaronder versta ik de aandeelhouders, certificaathouders, pandhouders en vruchtgebruikers. Sommigen van hen hebben op grond van art. 2:114a/224a BW een wettelijk agenderingsrecht. In de volgende hoofdstukken zoom ik verder in op dit recht. Ik begin met het schetsen van de ontwikkeling van het wettelijke agenderingsrecht van kapitaalverschaffers. De veertig aanbevelingen van de commissie Peters vormen hierbij een omslagpunt. In de veertig aanbevelingen werd namelijk voor het eerst expliciet gesteld dat het best practice is om kapitaalverschaffers (van beursgenoteerde vennootschappen) (in de statuten) een agenderingsrecht toe te kennen. Toch is er reden genoeg om ook te kijken naar de periode voor de veertig aanbevelingen. Door het proces van institutionele verandering in beeld te brengen dat heeft geresulteerd in de bestaande corporate governance structuren, en dus ook het bestaande wettelijke agenderingsrecht van kapitaalverschaffers, kan de bestaande situatie beter worden begrepen.