Afscheiding van bestanddelen
Einde inhoudsopgave
Afscheiding van bestanddelen (O&R nr. 134) 2022/5.1:5.1 Slotbeschouwing: Afscheiding van een bestanddeel
Afscheiding van bestanddelen (O&R nr. 134) 2022/5.1
5.1 Slotbeschouwing: Afscheiding van een bestanddeel
Documentgegevens:
mr. J.C.T.F. Lokin, datum 01-03-2022
- Datum
01-03-2022
- Auteur
mr. J.C.T.F. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS644956:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Algemeen
Goederenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dit boek gaat over afscheiding van bestanddelen van een zaak. Onder afscheiding wordt verstaan het fysiek losmaken van een of meer bestanddelen van een zaak. Het leerstuk van de afscheiding behoort dus tot het domein van het zakenrecht, dat onderdeel uitmaakt van het goederenrecht. Twee gevallen zijn na afscheiding denkbaar: naast of in plaats van de oorspronkelijke zaak ontstaan een of meer nieuwe zaken. Bij de afscheiding komt er dus in ieder geval één eigendomsrecht bij. Het omgekeerde gebeurt bij de natrekking.
Van natrekking is sprake als door een vereniging van twee (of meer) zaken ten minste een eigendomsrecht (en de daarop rustende beperkte rechten) tenietgaat. Dit tenietgaan is een gevolg van een verbinding van een zaak met een andere zaak. Hiervan is bijvoorbeeld sprake als een zaak een bestanddeel is geworden van een hoofdzaak, waardoor eerstgenoemde zaak haar zelfstandigheid verliest. Ook kan sprake zijn van natrekking als door vereniging van zaken een (nieuwe) eenheidszaak ontstaat, waardoor de zaken bestanddelen zijn geworden van deze eenheidszaak. De natrekkingsregels regelen dus de rechtsgevolgen van bestanddeelvorming. Dikwijls gaat natrekking vooraf aan de afscheiding. Daarom is in dit onderzoek aan het leerstuk van de natrekking ruime aandacht besteed.
De natrekkingsregels hebben tot doel de rechtszekerheid te waarborgen. Deze rechtszekerheid is gediend bij overzichtelijke en naar buiten toe kenbare goederenrechtelijke verhoudingen. Omwille van de rechtszekerheid sluit het zakenrecht zoveel mogelijk aan bij de realiteit: wat men als één zaak beschouwt, is voor de wet in beginsel ook één zaak. Denk aan een auto, een huis of een boot. Op één zaak rust één eigendomsrecht (specialiteits- of uniciteitsbeginsel). De regels omtrent natrekking zorgen ervoor dat de feitelijke werkelijkheid (één zaak) aansluit bij de juridische werkelijkheid (één eigendomsrecht op die zaak). De rechtszekerheid staat ten dienste van een derde die uitgaat van de feitelijke werkelijkheid en die mag veronderstellen dat deze werkelijkheid in overeenstemming is met de juridische werkelijkheid.
Anders dan het geval is bij natrekking, bestaat in het BW geen afzonderlijk algemeen artikel waarin de rechtsgevolgen van afscheiding zijn geregeld. In dit onderzoek zijn deze rechtsgevolgen in kaart gebracht. Wat zijn de goederenrechtelijke gevolgen als een bestanddeel van een zaak wordt afgescheiden? Bij de beantwoording van die vraag staat centraal hoe de afscheiding zich verhoudt tot de continuïteitsgedachte, dat wil zeggen de gedachte dat zakelijke rechten niet eenvoudig tenietgaan maar worden voortgezet, gecontinueerd. Voor het Nederlandse recht geldt dat het tenietgaan en ontstaan van een eigendomsrecht enkel kunnen geschieden als daarvoor een wettelijke grond bestaat. Van afscheiding is te onderscheiden de juridische splitsing, waarin geen sprake is van een fysieke, maar slechts van een juridische afscheiding. Deze juridische splitsing valt buiten het onderzoek.
Bij de totstandkoming van het BW in 1992 is er bewust voor gekozen de reikwijdte van de natrekkingsregels niet te beperken. Het BW kent in de vorm van het opstalrecht slechts één uitzondering die de natrekkingsregels “buiten spel zet”. Gekozen is om aan degene die door natrekking een zakelijk recht heeft verloren in beperkte gevallen afscheidingsrechten toe te kennen. Hierdoor zijn de leerstukken natrekking en afscheiding nauw met elkaar verbonden. De keuze vóór afscheidingsrechten en tegen de beperkte reikwijdte van de natrekkingsregels is echter geen vanzelfsprekende. Dat is gebleken uit de rechtshistorische en rechtsvergelijkende hoofdstukken van dit onderzoek.