Verbod en evenredigheid in het intellectuele-eigendomsrecht
Einde inhoudsopgave
Verbod en evenredigheid in het intellectuele-eigendomsrecht (O&R nr. 150) 2024/1.2:1.2 Onderzoeksvraag
Verbod en evenredigheid in het intellectuele-eigendomsrecht (O&R nr. 150) 2024/1.2
1.2 Onderzoeksvraag
Documentgegevens:
mr. P. Teunissen, datum 01-02-2024
- Datum
01-02-2024
- Auteur
mr. P. Teunissen
- JCDI
JCDI:ADS955579:1
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het voorgaande rechtvaardigt een onderzoek naar de betekenis van het evenredigheidsbeginsel voor het rechterlijk verbod in intellectuele-eigendomszaken. Aan dit onderzoek ligt de volgende hoofdvraag ten grondslag:
Hoe beïnvloedt het evenredigheidsbeginsel de toewijzing en vormgeving van een rechterlijk verbod in geschillen die draaien om inbreuk op een intellectueel-eigendomsrecht?
De onderzoeksvraag is breed geformuleerd, zodat de volgende deelvragen kunnen worden beantwoord:
Wat is de betekenis van het verbod voor het intellectuele-eigendomsrecht?
Welke regels stelt ons nationale recht aan het rechterlijk verbod?
Welke regels stelt het Unierecht aan het rechterlijk verbod?
Wat is de betekenis van het evenredigheidsbeginsel voor de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten?
Wat is de betekenis van het evenredigheidsbeginsel voor het rechterlijk verbod?
Hoe werkt het evenredigheidsbeginsel door in ons nationale recht?