Het bestuursverbod bij de commanditaire vennootschap
Einde inhoudsopgave
Het bestuursverbod bij de commanditaire vennootschap (IVOR nr. 93) 2013/3.5.3.2.4:3.5.3.2.4 ULPA 2001
Het bestuursverbod bij de commanditaire vennootschap (IVOR nr. 93) 2013/3.5.3.2.4
3.5.3.2.4 ULPA 2001
Documentgegevens:
Mr. A.J.S.M. Tervoort , datum 11-07-2013
- Datum
11-07-2013
- Auteur
Mr. A.J.S.M. Tervoort
- JCDI
JCDI:ADS447430:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Rechtswetenschap / Rechtsgeschiedenis
Ondernemingsrecht / Personenvennootschappen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals in 3.5.3.1.4 is besproken is het bestuursverbod in ULPA 2001 geheel afgeschaft. Aansprakelijkheid van een bedrijvige limited partner kan daarmee in ieder geval niet langer ontstaan op basis van het enkele feit van diens bemoeienis met het bestuur van de vennootschap.1 Dat wil evenwel niet zeggen dat een limited partner nimmer persoonlijk aansprakelijk kan zijn voor vennootschapsschulden. Persoonlijke aansprakelijkheid voor vennootschapsschulden kan voortvloeien uit een gedraging van de limited partner die jegens de vennootschapscrediteur als onrechtmatig is aan te merken.2 Ook wanneer de limited partner zich presenteert of wordt gepresenteerd als general partner wordt hij aan die door hem opgeroepen of gedulde schijn gehouden en is hij onbeperkt aansprakelijk voor vennootschapsschulden.3 Het afschaffen van het bestuursverbod doet daar niets aan af: deze aansprakelijkheid is gebaseerd op de wettelijke regels van vertegenwoordiging (agency).4 Bishop gaat nog verder. Hij wijst erop dat het onder ULPA 2001 mogelijk is dat een persoon informeel, zonder dat daarvan uit enig geschrift behoeft te blijken, als general partner tot de vennootschap toetreedt. Naar zijn opvatting kan een derde op basis hiervan betogen dat hij uit de bestuurlijke gedragingen van de limited partner heeft afgeleid en ook redelijkerwijs mocht afleiden dat deze informeel als general partner tot de vennootschap was toegetreden en daarmee jegens hem onbeperkt aansprakelijk is.5 Nu daarmee een resultaat wordt bereikt dat haaks staat op de tekst en de strekking van ULPA 2001 lijkt het niet heel voor de hand liggend dat de rechter zich door een dergelijk betoog laat overtuigen; jurisprudentie ontbreekt tot nog toe.