Einde inhoudsopgave
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/3.2.1
3.2.1 Aanbeveling en richtlijnvoorstel
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen, datum 02-02-2020
- Datum
02-02-2020
- Auteur
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen
- JCDI
JCDI:ADS197775:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Aanbeveling C(2014) 1500 final van de Europese Commissie (12 maart 2014), Aanbeveling inzake een nieuwe aanpak van faillissement en insolventie. Een publieke consultatie, een expert groep en een Impact assessment ging vooraf aan de aanbeveling, zie Schmieman 2014, par. 3.2.
In de literatuur wordt ook wel van zes hoofdbeginselen gesproken: toegang tot een herstructureringsprocedure in een vroeg stadium, minimale rechterlijke betrokkenheid, behoud van zeggenschap van het bestuur van de vennootschap, tijdelijke schorsing van individuele tenuitvoerleggingsmaatregelen, een voor alle schuldeisers bindend herstructureringsakkoord en bescherming van nieuwe financiering. Zie Van Zwieten 2015 en Wessels 2015. Voor een vergelijkbare indeling zie Schmieman 2014.
Directorate-General Justice & Consumers of the European Commission, Evaluation of the implementation of the Commission Recommendation, 30 september 2015, https://ec.europa.eu/justice/civil/files/evaluation_recommendation_final.pdf.
Mededeling van de Europese Commissie, Actieplan voor de opbouw van een kapitaalmarktunie, 30 september 2015, COM (2015) 468 final. Deze mededeling geschiedde gelijktijdig met de publicatie van de evaluatie.
Toelichting bij richtlijnvoorstel betreffende preventieve herstructureringsstelsels, een tweede kans en maatregelen ter verhoging van de efficiëntie van herstructurerings-, insolventie- en kwijtingsprocedures, en tot wijziging van Richtlijn 2012/30/EU, 22 november 2016, COM (2016) 723 final, p. 2.
Richtlijnvoorstel betreffende preventieve herstructureringsstelsels, een tweede kans en maatregelen ter verhoging van de efficiëntie van herstructurerings-, insolventie- en kwijtingsprocedures, en tot wijziging van Richtlijn 2012/30/EU, 22 november 2016, COM (2016) 723 final.
Richtlijn (EU) 2019/1023 betreffende preventieve herstructureringsstelsels, betreffende kwijtschelding van schuld en beroepsverboden, en betreffende maatregelen ter verhoging van de efficiëntie van procedures inzake herstructurering, insolventie en kwijtschelding van schuld, en tot wijziging van Richtlijn (EU) 2017/1132 (Richtlijn betreffende herstructurering en insolventie). Voor dit onderzoek is enkel het gedeelte uit de Richtlijn over preventieve herstructureringsstelsels van belang. Waar relevant geef ik de verschillen tussen het richtlijnvoorstel en de Richtlijn weer.
Art. 34 Richtlijn.
De Richtlijn spreekt van een preventief herstructureringsstelsel en niet van een preventieve herstructureringsprocedure. Lidstaten zijn niet verplicht één procedure te hebben waarin de minimumvereisten uit de Richtlijn zijn opgenomen.
Overweging 1 Richtlijn.
Meer concreet wordt het in 2014. De Europese Commissie presenteert een niet-bindende aanbeveling met minimumnormen voor preventieve herstructureringsstelsels.1 De aanbeveling betreft regels over de beschikbaarheid van een preventief herstructureringsstelsel, (het vergemakkelijken van de onderhandelingen over) een herstructureringsplan en de bescherming van nieuwe financiering.2 Opmerkelijk is dat de aandeelhouders in de aanbeveling helemaal niet worden genoemd. Volgens de aanbeveling kan een herstructureringsplan enkel schuldeisers binden.
Eind 2015 volgt een evaluatie van de uitvoering van de aanbeveling.3 Hoewel een klein aantal lidstaten op dat moment reeds wetgeving kende of voorbereidde die overeenkomt met de aanbeveling, had het merendeel van de lidstaten de aanbeveling slechts gedeeltelijk geïmplementeerd. In haar evaluatie constateert de Commissie dat de verschillen in implementatie de efficiënte herstructurering van levensvatbare ondernemingen in de Europese Unie belemmeren. De Commissie kondigt daarom aan met regelgeving te komen. Dit is onderdeel van een actieplan voor de totstandkoming van een kapitaalmarktunie (Capital Markets Union).4 Een kapitaalmarktunie moet, kort gezegd, ervoor zorgen dat vragers en aanbieders van kapitaal elkaar makkelijker vinden binnen Europa. Meer samenhang tussen insolventie- en herstructureringsprocedures vergroot volgens de Commissie de rechtszekerheid voor internationale investeerders en stimuleert een tijdige herstructurering van ondernemingen die financiële problemen hebben.5
In november 2016 werd het richtlijnvoorstel betreffende preventieve herstructureringsstelsels, een tweede kans en maatregelen ter verhoging van de efficiëntie van herstructurerings-, insolventie- en kwijtingsprocedures, en tot wijziging van Richtlijn 2012/30/EU gepubliceerd.6 De definitieve Richtlijn werd op 26 juni 2019 gepubliceerd.7 Lidstaten hebben in beginsel tot 17 juli 2021 de tijd de Richtlijn in hun nationale regelgeving te implementeren.8 De Richtlijn bevat minimumvereisten voor een preventief herstructureringsstelsel.9 Zij beoogt geen harmonisatie van kernaangelegenheden van het insolventierecht, zoals de rangindeling van vorderingen en een definitie van insolventie. De hoofddoelstelling van de Richtlijn is bij te dragen aan een goed functioneren van de interne markt en het verminderen van de belangrijkste belemmeringen voor vrij verkeer van kapitaal die voortvloeien uit de verschillen in de wetgeving van de lidstaten. Volgens de Europese wetgever draagt een preventief herstructureringsstelsel hieraan bij.10 De Richtlijn komt verder aan bod in paragraaf 3.3.