Quasi-erfrecht
Einde inhoudsopgave
Quasi-erfrecht (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2006/0.3:0.3 Veldonderzoek
Quasi-erfrecht (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2006/0.3
0.3 Veldonderzoek
Documentgegevens:
prof. mr. F.W.J.M. Schols, datum 24-03-2006
- Datum
24-03-2006
- Auteur
prof. mr. F.W.J.M. Schols
- JCDI
JCDI:ADS577919:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het onderzoek werd begeleid door Dr. J.I.M. Egger, klinisch psycholoog/methodoloog.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een onderzoek gehouden onder Nederlandse (kandidaat-)notarissen geeft een beeld van de beleving van enkele van de te behandelen onderdelen in de praktijk, in het bijzonder met betrekking tot de herroepelijkheid van de uiterste wilsbeschikking. Er werd eind 2002 via de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) per e-mail een enquête verstuurd naar circa 510 kandidaat-notarissen en 675 notarissen. In begin 2003 is het vragenformulier nogmaals verstuurd. De samenstelling van de groep waaraan de enquête in 2003 werd verstuurd, kan verschillen van de eerste groep in verband met, bijvoorbeeld, kantoorwijzigingen of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. De e-mailadressen werden door de KNB ter beschikking gesteld. Het vragenformulier is als bijlage I opgenomen. Er werden in totaal 250 bruikbare formulieren geretourneerd. Van de rapporteurs is 54% kandidaat-notaris; 46% is notaris. Ongeveer 59% van de respondenten is tien jaar of langer werkzaam in de notariële praktijk.
Het volgende overzicht in tabel 1 (vraag 1d) geeft aan in welk onderdeel van het notariële vakgebied men werkzaam is:
Algemene praktijk (178)
73%
Vennootschapspraktijk (15)
6%
Onroerend-goedpraktijk (14)
6%
Familiepraktijk (38)
15%
Daar waar de resultaten van het onderzoek worden vermeld, zal in eerste instantie het resultaat van het Totaal worden weergegeven, en vervolgens het resultaat van de respondenten die in de Familiepraktijk werkzaam zijn. Tevens zal vermeld worden hoeveel van de 250 respondenten de betreffende vraag beantwoordden. Gelet op het doel van dit veldonderzoek, te weten het krijgen van een globaal beeld van de bevindingen van het notariaat op deelvragen van het onderzoek, zal slechts op hoofdlijnen gerapporteerd worden. De resultaten worden gepresenteerd in een kleiner lettertype, dit mede omdat de rapportage van het veldonderzoek gezien moet worden als een intermezzo op de overige tekst van de onderhavige studie. De tabellen worden doorgenummerd over de hoofdstukken heen.1