NJB 2025/758:Het door een politieambtenaar in zijn vrije tijd ‘in één of meer geautomatiseerde werken, namelijk in één of meer servers van de politie’ binnendringen, art. 138ab jo 80sexies Sr: een inrichting kan alleen als een ‘geautomatiseerd werk’ in de zin van art. 80sexies (oud) Sr worden aangemerkt als zij geschikt is om drie functies te vervullen, te weten opslag, verwerking en overdracht van gegevens. Het begrip ‘geautomatiseerd werk’ in de zin van art. 80sexies (oud) Sr is echter niet beperkt tot apparaten die zelfstandig aan deze drievoudige eis voldoen. Ook netwerken die bestaan uit computers die door middel van via het internet verspreide software met elkaar zijn verbonden en/of telecommunicatievoorzieningen vallen onder dat begrip, evenals delen van zulke geautomatiseerde werken. In casu kon het hof oordelen dat verdachte ‘in één of meer geautomatiseerde werken’ is ‘binnengedrongen’, onder meer erop gelet dat de verdachte, door in te loggen met het aan hem als politieambtenaar verstrekte account, zich de toegang heeft verschaft tot de politiesystemen en de politiewerkomgeving, terwijl de verdachte in die digitale werkomgeving vervolgens personen, voertuigen (kentekens) en/of adressen bevraagd, waarna hij de verkregen gegevens heeft geëxporteerd en geprint. Daaraan doet niet af dat het hof geen nadere vaststellingen heeft gedaan over de precieze manier waarop een concreet aangeduide server door de verdachte is binnengedrongen.