Invloed van schuldeisers in insolventieprocedures
Einde inhoudsopgave
Invloed van schuldeisers in insolventieprocedures (IVOR nr. 129) 2023/1.4:1.4 Opzet
Invloed van schuldeisers in insolventieprocedures (IVOR nr. 129) 2023/1.4
1.4 Opzet
Documentgegevens:
mr. H.J. de Kloe, datum 01-06-2023
- Datum
01-06-2023
- Auteur
mr. H.J. de Kloe
- JCDI
JCDI:ADS708413:1
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In ieder hoofdstuk wordt één van de deelvragen beantwoord. In het volgende hoofdstuk worden twee (rechtseconomische) theorieën behandeld over het doel van het faillissement en de belangen die in faillissement worden behartigd. Naar aanleiding van die theorieën en de kritiek daarop in de literatuur wordt een aantal gezichtspunten geschetst voor de evaluatie en ontwikkeling van het Nederlandse faillissementsrecht. In hoofdstuk 3 wordt de vraag beantwoord welke belangen de curator naar geldend Nederlands recht moet behartigen. Ook wordt, mede naar aanleiding van het ondernemingsrechtelijke concept van het vennootschappelijk belang, een manier geschetst om op coherente wijze rekening te houden met deze belangen. Omdat alleen invloed kan worden uitgeoefend op basis van voldoende en tijdige informatie, komt de informatiepositie van schuldeisers aan de orde in hoofdstuk 4.
In hoofdstuk 5 wordt aangevangen met de daadwerkelijke zeggenschapsrechten van schuldeisers door het klachtrecht van artikel 69 Fw en het beroepsrecht van artikel 67 Fw te evalueren. Hoofdstuk 6 vervolgt met de schuldeisersvergadering en schuldeiserscommissie. Naast de Nederlandse regeling hebben ook de Engelse, Amerikaanse, Belgische en Duitse regeling een plaats in dit hoofdstuk. De invloed van schuldeisers op de stille voorbereidingsfase, de pre-pack, komt naar voren in hoofdstuk 7. Het WHOA-akkoord en de zeggenschap die schuldeisers hebben bij de totstandkoming daarvan komt aan de orde in hoofdstuk 8. Hoofdstuk 9 sluit af met een conclusie.