Verbondenheid in het belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/6.3.3.0:Inleiding
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/6.3.3.0
Inleiding
Documentgegevens:
Dr. R.N.F. Zuidgeest, datum 20-11-2008
- Datum
20-11-2008
- Auteur
Dr. R.N.F. Zuidgeest
- JCDI
JCDI:ADS611467:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Inkomen uit werk en woning (box 1) - niet-winst
Onbekend (V)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Aanmerkelijk belang (box 2)
Inkomstenbelasting / Winst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Om toegang te krijgen tot de ondernemingsfaciliteiten moet in de eerste plaats worden voldaan aan het ondernemerscriterium van art. 3.4 Wet IB 2001. Op basis hiervan is voor het ondernemerschap vereist dat de belastingplichtige rechtstreeks wordt verbonden voor verbintenissen betreffende de onderneming. In situaties waarin een reële onderneming wordt gedreven, geldt bovendien dat de werkzaamheden die zijn verricht in het kader van een ongebruikelijk ‘samenwerkingsverband’ met ‘verbonden personen’ niet meetellen voor het zogenoemde urencriterium van art. 3.6 Wet IB 2001. Hiermee wordt voorkomen dat belastingplichtigen onbedoeld toegang krijgen tot de ondernemingsfaciliteiten, door werkzaamheden te verrichten voor een onderneming van een ‘verbonden persoon’. Hierbij is met name gedacht aan een man-vrouwsamenwerkingsverband waarbij één van de partners slechts ondersteunende werkzaamheden verricht. Ik zou aan de desbetreffende begrippen ook een vereenzelvigingsfunctie en een antiontgaansfunctie willen toekennen: de werkzaamheden van de belastingplichtige worden immers geacht niet zelfstandig te zijn verricht.