Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/16.4:16.4 Intermezzo: verwante termen in het huidige Burgerlijk Wetboek
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/16.4
16.4 Intermezzo: verwante termen in het huidige Burgerlijk Wetboek
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS482404:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Toon alle voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Naast de termen ‘erf’ en ‘erven’ worden in de titels 3 tot en met 6 Boek 5 ook de termen ‘onroerende zaak’ (art. 5:20 en 5:60), ‘grond’ (art. 5:20), ‘bovengrond’ (art. 5:20), ‘bodem’ (art. 5:25), ‘land’ (art. 5:30, 5:31) en ‘water’ (art. 5:29-31) gebruikt. In de parlementaire geschiedenis komen ook nog de termen ‘landpercelen’ en ‘waterpercelen’ voor.1
Teneinde het begrip ‘erf’ beter te kunnen omschrijven volgt hier een korte aanduiding van deze begrippen.
Grond is
‘het uiterste vlak van de aardkorst en de onder dat vlak zich bevindende vaste lagen.’2
Of, iets plastischer uitgedrukt:
‘De grond vormt zowel in het platte vlak als in de diepte een aaneengesloten geheel. Voor het oog wordt het vlakke land onderbroken door natuurlijke en door de mens gemaakte barrières, maar daaronder – in de stroombedding en onder de gebouwen – bevindt zich nog steeds grond.’3
Onder bovengrond dient te worden verstaan het uiterste vlak van de aardkorst.4
Het woord ‘bodem’ komt alleen voor in art. 5:25. Het gaat in dat artikel over de eigendom van de bodem van de territoriale zee. Hieruit mag wel blijken dat met ‘bodem’ in de zin van art. 5:25 is bedoeld: grond. Met een beroep op art. 5:21 zou wellicht beweerd kunnen worden dat ‘bodem’ synoniem is aan ‘bovengrond’.5
Het begrip onroerende zaak wordt omschreven in art. 3:3.
Als zodanig wordt, voor zover hier van belang, aangemerkt: ‘de grond’. Eigendom is mogelijk ten aanzien van een onroerende zaak (art. 5:1 jo. 3:3).
Een geïndividualiseerd deel van de grond kan derhalve voorwerp van eigendom zijn. Wij kunnen dan spreken over een stuk grond, een grondstuk of een perceel grond.6
De termen ‘landpercelen’ en ‘waterpercelen’ worden in de parlementaire geschiedenis noch in de literatuur expliciet omschreven. Naar mijn oordeel wordt door dit begrippenpaar een tegenstelling aangegeven. Ik zou het onderscheid tussen beide begrippen als volgt willen omschrijven. Indien zich – te beoordelen naar de verkeersopvatting – met enige duurzaamheid op de oppervlakte van een onroerende zaak water bevindt spreken wij van een ‘waterperceel’. In alle andere gevallen spreken wij van een ‘landperceel’. De tegenstelling ‘land’ en ‘water’ wordt hiermee ook duidelijk.