NJB 2025/308
Samenloopregeling art. 63 Sr en WOTS-procedure: art. 63 Sr is niet van toepassing in gevallen waarin strafbare feiten die hebben geleid tot een veroordeling in het buitenland, zijn gepleegd voordat een Nederlandse strafrechter de veroordeelde in een Nederlandse strafzaak voor andere strafbare feiten heeft veroordeeld. De in art. 31 WOTS bedoelde beslissing over de oplegging van een straf of maatregel betreft de sanctie die naar Nederlands recht kan worden opgelegd voor het strafbare feit waarvoor in het buitenland veroordeling heeft plaatsgevonden; daarbij bestaat geen verplichting om, op een manier als in art. 63 Sr omschreven, acht te slaan op een eerdere veroordeling in een Nederlandse strafzaak voor een ander feit of andere feiten.
HR 28-01-2025, ECLI:NL:HR:2025:132
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 januari 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, T. Kooijmans, F. Posthumus
- Zaaknummer
24/00121 W
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:132, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑01‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1366, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 17‑12‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 11‑11‑2024
- Wetingang
Essentie
Samenloopregeling art. 63 Sr en WOTS-procedure: art. 63 Sr is niet van toepassing in gevallen waarin strafbare feiten die hebben geleid tot een veroordeling in het buitenland, zijn gepleegd voordat een Nederlandse strafrechter de veroordeelde in een Nederlandse strafzaak voor andere strafbare feiten heeft veroordeeld. De in art. 31 WOTS bedoelde beslissing over de oplegging van een straf of maatregel betreft de sanctie die naar Nederlands recht kan worden opgelegd voor het strafbare feit waarvoor in het buitenland veroordeling heeft plaatsgevonden; daarbij bestaat geen verplichting om, op een manier als in art. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.