Sfeerovergangen in de winstsfeer
Einde inhoudsopgave
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/9.5.1.1:9.5.1.1 Toerekeningen van voordelen aan de periode waarin ze worden opgeroepen door de bedrijfsuitoefening
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/9.5.1.1
9.5.1.1 Toerekeningen van voordelen aan de periode waarin ze worden opgeroepen door de bedrijfsuitoefening
Documentgegevens:
Mr. dr. B.F.M. Coebergh, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
Mr. dr. B.F.M. Coebergh
- JCDI
JCDI:ADS630645:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Inkomstenbelasting / Winst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voor de netto-voordeeltoerekening heb ik een systeem ontwikkeld dat past binnen de huidige fiscale toerekeningsbeginselen. Bij deze methode worden de daadwerkelijk door het lichaam genoten voordelen verdeeld over de onbelaste en belaste periode. Aan de hand van de criteria voor de voordeeltoerekening wordt bepaald of het voordeel moet worden toegerekend aan de belaste of de onbelaste periode. De uitgangspunten van het systeem zijn als volgt:
De voordeeltoerekening geldt voor alle sfeerovergangen binnen Nederland waarbij door een feitenwijziging of een regelwijziging (volledige) belastingplicht ontstaat.
Op basis van de voordeeltoerekeningsregels worden baten en lasten (de voordelen) toegerekend aan de onbelaste c.q. belaste periode.
Alleen voordelen die de onderneming uiteindelijk heeft gerealiseerd, worden toegerekend, zodat sprake is van een netto-toerekening.
Indien voordelen worden toegerekend aan de belaste periode en daarmee onderdeel zijn van de totaalwinst, bepaalt goed koopmansgebruik vervolgens de allocatie aan de belaste jaren.
De baten worden toegerekend aan de hand van het veroorzakingsbeginsel. Hiervoor geldt dat baten worden toegerekend aan:
De periode waarin vermogensbestanddelen worden gebruikt of de arbeid wordt verricht;
De marktmutatie is ontstaan;
Het moment waarop het voordeel veroorzakende besluit wordt genomen of de veroorzakende handeling wordt verricht.
In alle gevallen waarbij er een direct of indirect verband is tussen de uitgaven en de opbrengsten moet verplicht het matchingbeginsel worden toegepast voor de toerekening van de uitgaven.
Als de uitgaven niet kunnen worden toegerekend aan de opbrengsten (bijvoorbeeld bij een miskoop) worden ze toegerekend aan de hand van het veroorzakingsbeginsel.