25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid
Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/49.5:49.5 Het bestuursorgaan: dienaar van twee meesters?
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/49.5
49.5 Het bestuursorgaan: dienaar van twee meesters?
Documentgegevens:
mr. dr. M.J.M. Verhoeven, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. dr. M.J.M. Verhoeven
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Al met al staan bestuursorganen voor een lastige taak. Op zich is de Unierechtelijke opdracht om (wanneer conforme interpretatie niet mogelijk is) met Europees recht strijdige nationale wettelijke bepalingen buiten toepassing te laten al een uitdaging. Als de tandarts uit de inleiding een Unierechtelijke bepaling inroept, moet het bestuursorgaan aan de slag. Niet alle bestuursorganen zijn dit per sé gewend en hiervoor goed ingericht. Organisaties zoals de ACM of de IND, die werken op terreinen die in hoge mate beïnvloed zijn door Unierecht recht, zullen daar beter voor uitgerust en toe in staat zijn dan bijvoorbeeld kleine gemeenten. Daarbij moet opgemerkt worden dat geen enkel bestuursorgaan een hulplijn naar het Hof van Justitie heeft, zoals de nationale rechter over de prejudiciële procedure beschikt.
In driehoeksgeschillen staan Nederlandse bestuursorganen voor een extra uitdaging: het Hof van Justitie draagt hen op uit zichzelf de toets aan het Unierecht te verrichten, terwijl de Afdeling hen verbiedt dit ambtshalve te doen. Uitdagingen te over dus, waarbij het bestuursorgaan verder moet kijken dan de Awb om zowel zijn Europese als zijn nationale meester tevreden te houden. Voor de toekomst is het te hopen dat de Afdeling de Boxtel-lijn expliciet verlaat, zodat de hoogste nationale rechter het voldoen aan Unierechtelijke verplichtingen in elk geval niet moeilijker maakt dan nodig is.