De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken
Einde inhoudsopgave
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/6.2.1.2:6.2.1.2 Waarom was de behandeling soms onaanvaardbaar?
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/6.2.1.2
6.2.1.2 Waarom was de behandeling soms onaanvaardbaar?
Documentgegevens:
Janneke van der Linden, datum 14-04-2010
- Datum
14-04-2010
- Auteur
Janneke van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS371467:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Vier partijen (1.6%) en vier advocaten (1.5%) vonden de manier waarop de rechter hen tijdens de zitting behandelde onaanvaardbaar. In één zaak waren zowel een partij als diens advocaat die mening toegedaan. De advocaat van deze zaak vertelde dat hij van de rechter niet de kans kreeg om iets te vertellen en dat de rechter verschillende keren ‘hou maar op’ naar hem riep. Zijn cliënt zei over deze zitting: `ik had geen deskundigheid. Dat mijn advocaat niets mocht zeggen vond ik daarom onaanvaardbaar. Verder was de rechter geïrriteerd en noemde ons ‘onwillige honden’ toen we tijdens de zitting geen schikking overeenkwamen’. De antwoorden van de overige drie partijen en advocaten die de behandeling onaanvaardbaar vonden staan weergegeven in box 20.
Box 20: De toelichting van drie partijen en advocaten — van zes verschillende zittingen — waarom zij de manier waarop de rechter hen behandelde onaanvaardbaar vonden
Antwoorden van partijen:
1. ‘De rechter toonde zich niet respectvol ten aanzien van mijn mening. Hij oefende druk uit om tot een schikking te komen.’
2. ‘De rechter snauwde en had de pik op mij. Als ik argumenten wilde aandragen voor mijn standpunt werd mij de mond gesnoerd met als argument dat ik van die punten geen verstand had.’
3. ‘De rechter was bevooroordeeld. Dat bleek met name heel duidelijk bij zijn voorlopig oordeel. Dat merkte ik al vrij snel en daar heb ik in de loop van de zitting weinig aan kunnen veranderen.’
Antwoorden van advocaten:
1. ‘De rechter was onvriendelijk. Hij heeft mij niet mijn verhaal laten doen. Het beginsel van hoor en wederhoor is niet juist toegepast.’
2. ‘De argumenten van mijn cliënt zijn niet goed uit de verf gekomen vanwege een gebrek aan juridische discussie. De rechter bleef te veel steken in details.’
3. ‘Ik had een juridisch punt opgeworpen. Alvorens ik het goed kon toelichten zei de rechter al dat hij het er niet mee eens was. De rechter nam niet alle argumenten mee die toch echt in het belang van de zaak nodig waren voor een goed oordeel. De rechter had meer duidelijkheid moeten geven wat zijn standpunt was ten opzichte van dat van mij.’