De acting in concert-regeling inzake het verplicht bod op effecten
Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/4.3.1:4.3.1 Inleiding
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/4.3.1
4.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS372372:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. Von Bülow/Bücker 2004, p. 676.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De acting in concert-regeling heeft twee gezichten.1 In de eerste plaats dient zij ter voorkoming van omzeiling van de biedplicht. Dit is het anti-misbruikkarakter van de acting in concert-regels. Daarnaast hebben de acting in concert-regels ook een eigen, intrinsieke logica. Immers, ook door samen te werken kan de controle worden verkregen. Daarbij hoeft het niet noodzakelijk te gaan om samenwerking met het oog op het omzeilen van de biedplicht.
Mede gegeven dit tweeledige karakter van de acting in concert-regeling rijst de vraag of ook bij acting in concert sprake moet zijn van het gevaar van machtsmisbruik en een onevenredige verdeling van de controlepremie (vgl. eerder § 4.2.2). Of speelt dit niet bij acting in concert omdat hier sprake is van een anti-misbruikbepaling? Naar mijn mening moet deze vraag ontkennend beantwoord worden (§ 4.3.2). Daarvan uitgaande rijst vervolgens de vraag in hoeverre de acting in concert-regels worden gesteund door de grondslagen van de biedplicht. Daarbij moet worden onderscheiden tussen offensief acting in concert (§ 4.3.3) en defensief acting in concert (§ 4.3.4).