Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/25.2.4:25.2.4 § 922 BGB
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/25.2.4
25.2.4 § 922 BGB
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS481208:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook M.-S.-Hodes-Dehner, Bundesnachbarrecht (7.A) B7, p. 2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ingevolge het bepaalde in § 922 BGB is iedere nabuur gerechtigd tot het gebruik van de ‘Einrichtung’. Dit recht wordt evenwel beperkt door het doel van de ‘Einrichtung’ en de rechten van de nabuur
Gelet op het karakter van de vrijstaande muur is het de eigenaren toegestaan deze muur aan hun zijde te beplanten, te schilderen, een kalklaag aan te brengen of een bloempot op te hangen.1 Het verhogen van de muur dan wel het aanbrengen van vensters is daarentegen zonder toestemming van de nabuur niet toegestaan. De kosten van onderhoud van de muur dienen door beide eigenaren te worden gedragen. Onder onderhoudskosten dienen hier te worden verstaan: de kosten die gemaakt moeten worden om de muur aan haar functie te doen beantwoorden. De kosten van de bouw dienen te worden gedragen door de nabuur die de muur bouwt of laat bouwen.
De § 741 en volgende BGB handelde over de gemeenschap, zijn, voor zover § 922 BGB geen regels geeft, van overeenkomstige toepassing.
Ten slotte: § 922 BGB kan door de wetgever van de afzonderlijke ‘Länder’ niet terzijde worden gesteld.