Einde inhoudsopgave
Speaking the same language (AN nr. 181) 2023/5.2.2
5.2.2 De belangrijkste argumenten pro en contra de invoering van de trust in het Nederlandse recht
mr. K.R. Filesia, datum 25-09-2023
- Datum
25-09-2023
- Auteur
mr. K.R. Filesia
- JCDI
JCDI:ADS717269:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Gelet op het feit dat de argumenten voor en tegen de invoering van de trust in Nederland uitgebreid in de rechtsliteratuur en de parlementaire geschiedenis zijn uiteengezet, zullen deze argumenten hier niet opnieuw uitgebreid worden behandeld. Zie voor een verhandeling hierover o.a.: Kamerstukken II, 1992/93, 23027, nr. 3; S.C.J.J. Kortmann, ‘Past “de trust” in het Nederlandse recht?’, in: D.J. Hayton e.a. (red.), Vertrouwd met de trust. Trust and trust-like arrangements (serie ondernemingen en recht), Deventer: W.E.J. Tjeenk Willink 1996, p. 169-192; D.J. Hayton, S.C.J.J. Kortmann & H.L.E. Verhagen (red.), Principles of European Trust Law, Den Haag: Deventer: Kluwer Law International; W.E.J. Tjeenk Willink 1999, p. 203-205; D.W. Aertsen, De trust. Beschouwingen over invoering van de trust in het Nederlandse recht (diss. Nijmegen), Deventer: Kluwer 2004, p. 103-191; S.C.J.J. Kortmann, N.E.D. Faber & J.W.A.B. Biemans, ‘National Report for The Netherlands’, in: S.C.J.J. Kortmann e.a. (red.), Towards an EU Directive on Protected Funds, Deventer: Kluwer 2009, p. 336-346; J.W.A.B. Biemans, ‘Tijd voor de trust’, NTBR 2011/71; R. Wibier, ‘Can a modern legal system do without the trust?’ in: L. Smith (red.), The Worlds of the trust, Cambridge: Cambridge University Press 2013; W. Loof, Of Trustees and Beneficial Owners: An inquiry into the proprietary aspects of trusts and trust-like devices from a European Private Law perspective, Maastricht: Universitaire Pers Maastricht 2016, p. 178 e.v. Vgl. ook: Kamerstukken II, 1993/94, 23706, nr. 3, p. 30-31.
De discussie over de wenselijkheid en de noodzaak tot de invoering van een eigen trustwetgeving speelt zich in Nederland al geruime tijd af. Vanuit de rechtsliteratuur en de uitvoeringspraktijk is er veelvuldig een beroep gedaan op de Nederlandse wetgever om de invoering van de trustfiguur in overweging te nemen c.q. op ruime schaal te introduceren. Ondanks de vergeefse inspanningen van de rechtsgeleerden en de rechtspraktijk heeft de Nederlandse wetgever wegens principiële bezwaren steeds afgezien van de invoering van een Nederlandse trust. In het onderstaande zullen in het kort de belangrijkste argumenten pro en contra die met betrekking tot de invoering van een trust in het Nederlandse burgerlijk recht in de literatuur zijn bediscussieerd, worden besproken.
5.2.2.1 De voornaamste redenen tegen de invoering van de trust5.2.2.2 De voornaamste redenen voor de invoering van de trust