NJB 2026/815
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Hoge Raad: 1. Aansluitende zorgmachtiging. Omdat de zorgmachtiging niet aansloot op een eerdere zorgmachtiging, kon de rechtbank slechts een zorgmachtiging verlenen voor de duur van maximaal zes maanden. 2. Geen aftrek. Er is geen grond voor aftrek van de dagen dat betrokkene zonder geldige zorgmachtiging was opgenomen.
HR 10-04-2026, ECLI:NL:HR:2026:576
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 april 2026
- Magistraten
Mrs. F.J.P. Lock, S.J. Schaafsma, G.C. Makkink
- Zaaknummer
25/02723
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:576, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑04‑2026
ECLI:NL:PHR:2026:178, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 13‑02‑2026
- Wetingang
(art. 6:5 aanhef en onder a en b Wvggz)
Essentie
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Hoge Raad: 1. Aansluitende zorgmachtiging. Omdat de zorgmachtiging niet aansloot op een eerdere zorgmachtiging, kon de rechtbank slechts een zorgmachtiging verlenen voor de duur van maximaal zes maanden. 2. Geen aftrek. Er is geen grond voor aftrek van de dagen dat betrokkene zonder geldige zorgmachtiging was opgenomen.
Partij(en)
Betrokkene, adv. mr. G.E.M. Later, vs. de officier van justitie, niet verschenen.
Uitspraak
Procesverloop
De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend voor de duur van twaalf maanden.
Hoge Raad
Het middel klaagt dat de voorgaande zorgmachtiging was vervallen. De rechtbank kon om die reden slechts een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.